menu

Studie- en Studentenbegeleiding


Studiebegeleiding

Studie- en Studentenbegeleiding

Universiteit Hasselt - Knowledge in action

(TWIJFEL JE AAN) JE STUDIEKEUZE?

Het maken van een studiekeuze loopt niet altijd van een leien dakje.
Zowel universiteiten als hogescholen bieden een groot gamma aan opleidingen aan waarin het moeilijk wegwijs raken is. Misschien vind je het moeilijk om te kiezen tussen twee interessante studierichtingen, heb je geen idee wat je later worden wil, of heb je al één of meerdere jaren hoger onderwijs achter de rug en weet je nu vooral heel goed wat je niét wil.

Op deze pagina’s vind je een woordje uitleg over de verschillende fases van het studiekeuzeproces en hoe je deze kan doorlopen om tot een goede (nieuwe) studiekeuze te komen.
De studiebegeleiders staan voor je klaar om je te helpen bij het maken van een (nieuwe) studiekeuze. Aan de hand van één of meerdere gesprekken en het invullen van een vragenlijst, kunnen zij je helpen om een duidelijk antwoord te krijgen op de volgende vragen:

  • wie ben je?
  • wat wil je?
  • wat kan je?

De antwoorden op deze vragen helpen je vervolgens bij het maken van een (nieuwe) studiekeuze.

Het studiekeuzeproces

Het maken van een studiekeuze is een niet te onderschatten taak. In feite gaat het om een proces met verschillende fases. Elke fase moet goed doorlopen worden om tot een passende studiekeuze te komen, maar de volgorde waarin je dit doet, maakt niet zoveel uit.
In elke fase schuilt het gevaar om vast te lopen, elke stap brengt zijn eigen risico’s met zich mee.
Je kan echter steeds terugkomen op een vorige fase, het studiekeuzeproces is immers geen lineair proces (Germeijs & Verschueren, 2007).

In onderstaande afbeelding worden de verschillende fases van het studiekeuzeproces afgebeeld als tandwielen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Heb je na het lezen van deze informatie nog vragen of nood aan begeleiding?
Aarzel dan niet om contact op te nemen met een studiebegeleider

Printversie van alle info en tips rond studiekeuze en heroriëntering

We wensen je alvast veel succes!


‘Ken jezelf’ klinkt simpel, of net niet.

Natuurlijk ken je jezelf, je leeft al een aardig aantal jaren met jezelf samen. Aan de andere kant sta je in het dagelijkse leven meestal weinig expliciet stil bij jezelf.
Het maken van (studie)keuzes is een heel persoonlijk iets, het dient te gebeuren op basis van een gezonde zelfkennis. De studiekeuze van je beste vriend is niet noodzakelijk ook de perfecte keuze voor jou. Het is daarom belangrijk om goed te weten wat voor iemand jíj bent: wat je kunt, weet, interesseert, je persoonlijkheid en de waarden en normen die je nastreeft. Op deze aspecten gaan we hieronder dieper in.

Ken je capaciteiten (kennis en vaardigheden)

Sta eens stil bij wat jouw sterke punten precies zijn. Waar ben je goed in? Waarin blink je uit? Denk hierbij enerzijds aan kennis over bepaalde domeinen (vb. goed in wiskunde, talenknobbel, …), maar ook aan vaardigheden (vb. luisteren naar anderen, tekenen, logisch redeneren, …).
Vraag ook eens aan anderen waarin zij vinden dat jij goed bent/uitblinkt.

Ken je interesses

Als vakken je interesseren, is het makkelijker om je ervoor in te zetten en zal je de leerstof ook veel sneller onthouden. Kies dus een richting die je interesseert.
Sta eens stil bij wat jou interesseert.

  • Welke vakken boeien je? 
  • Welke vakken interesseren je slechts matig of niet? 
  • Wat zijn je hobby’s? 
  • Welke tv-programma’s bekijk je graag? 
  • Welke krantenartikels lees je het liefst?

De antwoorden op deze vragen kunnen je een breder beeld geven op je interesses.
Daarnaast kan je ook via de IPrefer-vragenlijst (www.onderwijskiezer.be/iprefer) een overzicht bekomen van je belangstellingsdomeinen.

Ken je persoonlijkheid

Wat voor iemand ben jij? Hoe zou jij jezelf omschrijven? Ben je een uitbundig of een eerder teruggetrokken iemand, denk je lang na voor je een beslissing neemt of ben je veeleer impulsief, ben je een doorzetter of geef je snel op, …
Om je later goed te voelen in een job is het belangrijk dat deze job aansluit bij jou als persoon. Als je bijvoorbeeld niet graag in de belangstelling staat, is het misschien niet zo’n goed idee om politicus te worden; als je niet graag met getallen werkt, is boekhouder worden geen optimale beroepskeuze.

Ook de instelling waar je studeert, moet passen bij je persoonlijkheid.
Universiteiten verwachten van studenten een grote mate van zelfstandigheid, een kritische geest en een regelmatige studie-inzet waar een flinke dosis zelfdiscipline en doorzettingsvermogen aan te pas komen. Universiteiten laten studenten immers erg vrij in het indelen van hun tijd (er zijn weinig of geen tussentijdse toetsen en weinig of geen verplichte colleges), maar er wordt anderzijds/tegelijk wel een grote studie-inzet verwacht!
Hogescholen bieden doorgaans meer structuur en begeleiding, studenten worden er van dichterbij opgevolgd. Studenten worden er verwacht regelmatig aanwezig te zijn in de lessen (waar niet zelden aanwezigheden worden opgenomen) en er worden soms ook tussentijdse toetsen afgenomen (zodat je verplicht bent je leerstof op regelmatige basis te verwerken). Er wordt bovendien meer les gegeven en minder zelfstudie verwacht.
Ga eens na welk soort onderwijs het best bij je past. Ben jij een type student dat goed functioneert binnen een universiteit, of voel jij je beter thuis aan een hogeschool?

Ken je waarden

Een vierde aspect waar je even stil bij kan staan, zijn je waarden en normen. Wat vind jij belangrijk in het leven? Wat wil je nastreven?
Vind je het bijvoorbeeld belangrijk om veel geld te verdienen? Of hecht je veel waarde aan een job die nuttig is voor de maatschappij?
Het is belangrijk deze zaken in rekening te brengen bij het maken van een studiekeuze,  je voelt je pas echt goed in een job als ze aansluit bij jouw waarden en normen.

Als je het moeilijk vindt om je normen en waarden op het spoor te komen, kan de waardentest op www.opstapnaar.be/waardentest je misschien een stapje verder helpen.

Om goed te kunnen kiezen, moet je weten waaruit de keuzemogelijkheden bestaan. Wat zijn je opties? En wat houden deze opties in? Wat zijn de perspectieven die deze opties je bieden?

Zoek eens uit hoe het hoger onderwijs gestructureerd is (de Bachelor-Master, kortweg BaMa-structuur), welke studierichtingen er op de verschillende niveaus aangeboden worden, op welke beroepen deze studierichtingen je voorbereiden en hoe de arbeidsmarkt eruit ziet. Exploreer, met andere woorden, het studieaanbod en werkveld in de breedte.

 
Ken de BaMa-structuur

Het hoger onderwijs in Vlaanderen is opgesplitst in enerzijds het hoger professioneel onderwijs en anderzijds het hoger academisch onderwijs. Het hoger professioneel onderwijs bestaat uit professionele bacheloropleidingen, het hoger academisch onderwijs uit academische bachelor- en masteropleidingen. Daarnaast zijn er schakel- en voorbereidingsprogramma’s die je de kans te bieden in bepaalde niet-aansluitende masteropleidingen verder te studeren. BaNaBa’s en MaNaMa’s (Bachelor-na-bachelors en master-na-masters) geven je de mogelijkheid om je verder te specialiseren in een bepaald domein.
Het is belangrijk dat je de verschillen tussen bovenstaande opleidingstypes goed kent: wat is bijvoorbeeld het grote verschil tussen professionele en academische bacheloropleidingen; wat is de duur van een bacheloropleiding; welk diploma heb je nodig om een masteropleiding aan te vangen?, …
Naar welk type opleiding ben je op zoek?  Verkies je een professionele of een academische bacheloropleiding? (hogeschool of universiteit?)? Zoek je een initiële masteropleiding of een MaNaMa?, …

Meer informatie over de structuur van het hoger onderwijs in Vlaanderen en de kenmerken van bovenbeschreven opleidingstypes vind je onder andere op de websites www.onderwijskiezer.be/hoger en www.hogeronderwijsregister.be/het-hoger-onderwijs.


Verken het studieaanbod

Als je éénmaal weet welk type opleiding je zoekt (professionele of academische bachelor, initiële master of MaNaMa, …), kan je eens kijken naar de concrete opleidingen die worden aangeboden in de verschillende instellingen.
Beperk je hierbij niet tot één hogeschool of universiteit, maar ga in eerste instantie eens breed exploreren: wat bestaat er zoal?

Ook als je al een idee hebt, als je al een bepaalde richting in je hoofd hebt die je interesseert, is het goed om toch eerst eens te kijken naar welke studierichtingen er verder nog worden aangeboden. Goed kiezen is niet enkel weten wat je kiest, maar ook weten wat je niét kiest (en waarom je daar niet voor kiest).
Onder andere de websites www.onderwijskiezer.be/hoger en www.hogeronderwijsregister.be/het-hoger-onderwijs geven een volledig overzicht van alle bachelor- en masteropleidingen in Vlaanderen.
Voor opleidingen in Nederland kan je terecht op http://www.studiekeuze123.nl/.  


Verken de arbeidsmarkt

Kiezen voor een studierichting is indirect ook kiezen voor een beroep. Toegegeven, met een bepaald diploma op zak kan je vaak nog veel verschillende richtingen uit. Maar tegelijkertijd sluit je met het maken van een studiekeuze ook een aantal beroepen uit. Als je bijvoorbeeld beslist om informatica te gaan studeren, is de kans erg klein dat je ooit mensen zal opereren.

Het is dus belangrijk om te weten hoe de arbeidsmarkt eruit ziet: welke sectoren zijn er, welk soort beroepen bestaan hierin, …?
Onder andere op de websites http://www.vdab.be/ en http://www.vacature.com/ vind je heel wat informatie over de arbeidsmarkt. Je kan er beschrijvingen van beroepen(sectoren) raadplegen, of je kan al eens rondneuzen in de vacatures die online staan: welke jobs spreken je aan, welke diplomavereisten zijn er voor deze jobs, …

Studierichtingen die je interesse wekken, moet je grondig - in de diepte - gaan verkennen.

De checklists die je via www.ond.vlaanderen.be/sidin/brochure/checklist.htm kan downloaden, kunnen hierbij als leidraad dienen.
Ga voor de verschillende studierichtingen die je interesseren eens na:

  • Welke vakken komen er aan bod?
  • Wat is de inhoud van deze vakken en hoe zwaar wegen ze door (cf. studiepunten)
  • Zijn er vereisten op vlak van voorkennis/startcompetenties?
  • Op welke beroepen bereidt de richting je voor?
  • Hoeveel jaar moet je studeren om je diploma te behalen?
  • Aan welke instellingen wordt de opleiding aangeboden? 
  • Zijn er accentverschillen tussen dezelfde opleidingen aan verschillende instellingen? Bijvoorbeeld, aan de ene instelling kan je tijdens je bachelor op stage, aan de andere instelling is er een grotere variëteit aan keuzevakken,…
  •  …

De antwoorden op bovenstaande vragen kan je terugvinden op internet (oa via http://www.onderwijskiezer.be/ en de websites van de hogescholen en universiteiten), maar laat dit je er niet van weerhouden ook eens ‘het veld’ in te trekken. Bezoek een sid-in en infodagen, vraag brochures aan, ga praten met (oud)studenten, spreek mensen aan die reeds in het werkveld staan, snuffel eens door de studieboeken, neem deel aan een open-les-week, …

Op deze manier krijg je een duidelijker beeld van de studierichtingen en de instellingen waar je ze kan studeren en ontdek je misschien dingen die je helemaal niet (of net helemaal wel) aanspreken.

Tip: maak per studierichting op een A4-tje een overzicht van de informatie die je verzamelde, zodat je alles netjes op een rijtje hebt, dit maakt het vergelijken van verschillende interessante studierichtingen makkelijker. 

Op basis van wat je weet over jezelf (je capaciteiten, interesses, persoonlijkheid, waarden en normen) en het studieaanbod (de structuur van het hoger onderwijs en de studierichtingen die er worden aangeboden), maak je een studiekeuze. Je gaat op zoek naar de best mogelijke match tussen jezelf en het studieaanbod.

Leg hiertoe alle informatie die je al hebt verzameld naast elkaar:

  • Wie ben je? (Waar ben je goed in? Wat vind je interessant? Wat weet je over je persoonlijkheid, je normen en waarden?)
  • Welke studierichtingen spreken je aan?
  • Wat is er interessant aan deze richtingen? Waarom passen ze bij jou? Wat zijn de voordelen, wat zijn de nadelen?

Dit alles in acht genomen, welke studierichting past er dan het best bij jou?

Betrek ook anderen (je familie, vrienden, leerkrachten, …) bij je keuzeproces: welke studierichting(en) vinden zij bij jou passen? Waarom? Ben je hiermee akkoord?

Bij het maken van je studiekeuze en/of de keuze van de instelling waar je de richting zal volgen, kan je uiteraard ook rekening houden met allerlei praktische overwegingen (bereikbaarheid met openbaar vervoer, al dan niet op kot gaan, onderwijs- en examensysteem, …).

Tip: Het beslisrooster (zie www.onderwijskiezer.be/hoger/hoger_kiezen.php) kan je helpen om een aantal zaken op een rijtje te zetten en verschillende studierichtingen grondig met elkaar te vergelijken.

! Beslissen is uiteindelijk een moment waarop je even je buikgevoel moet volgen. Op basis van alle rationele informatie, neem je een intuïtieve keuze voor de ene of de andere studierichting en gá je er ook voor.

Kiezen is iets dat je moet dúrven.

Als je éénmaal een studiekeuze gemaakt hebt, rest je nog deze keuze effectief voor te bereiden, zodat je binnenkort een goede start kan nemen in de gekozen richting.

Informeer je over praktische zaken zoals de inschrijfprocedure, de start van het academiejaar, de aan te schaffen boeken, een eventuele studiebeurs, het vervoer naar de instelling en/of het zoeken van een kot, …

Ga ook eens na of je eventueel je voorkennis moet bijschaven voor je aan de studierichting van je keuze begint. Misschien worden er voorbereidingscursussen georganiseerd waarin je jouw voorkennis kan bijschaven of opfrissen?

Breng alles in gereedheid en… ga ervoor!

Enkele tips bij het doorlopen van je studiekeuzetraject:

  • Neem de tijd om het studiekeuzeproces te doorlopen.
    Het is misschien verleidelijk om snel een (nieuwe) studiekeuze te maken, zodat je van je onzekerheid verlost bent. Probeer toch even streng (en kritisch) te zijn voor jezelf en alle stappen grondig te doorlopen. Op die manier loop je minder risico om ‘vast te lopen’ in je studiekeuze, ben je zeker dat je een gegronde keuze maakt en is er meer kans dat je ook op lange termijn tevreden bent met je studiekeuze. Een overhaast genomen beslissing is zelden een goede keuze.

  • Durf op een bepaald moment knopen door te hakken. Zoals men wel eens zegt: ‘kiezen is verliezen’: elke keuze heeft zijn voor- en nadelen en je kan deze eeuwig naast elkaar blijven zetten en afwegen. Op een bepaald moment heb je echter genoeg informatie verzameld en moet je een keuze durven maken.

  • Houd in je achterhoofd dat het maken van een studiekeuze een proces is dat niet noodzakelijk lineair verloopt. Misschien dacht je dat je studiekeuze al vast stond, maar realiseer je plots dat je de arbeidsmarkt onvoldoende hebt geëxploreerd. In zo’n geval kan je de arbeidsmarkt eens nader gaan bekijken, op basis waarvan je de studiekeuze kan bestendigen, of herbekijken.

  • Zorg ervoor dat je studiekeuze jouw eigen keuze is. Luister naar de mening van anderen (deze kunnen je soms interessante nieuwe perspectieven bieden), maar laat je geen studierichting ‘aanpraten’. Kies geen richting omdat je graag bij je vrienden in de klas zit of omdat je ouders je zo graag als advocaat zouden zien. Luister vooral naar jezelf en naar wat jij écht wil, waarvoor jij gemotiveerd bent.

  • Het is belangrijk dat je, éénmaal je een studiekeuze hebt gemaakt, je hier goed bij voelt. Dat je de motivatie voelt om eraan te beginnen en je ervoor in te zetten, kortom: dat je er goesting in hebt.

  • Een studiekeuze is uiteraard een belangrijke keuze. Ze geeft een bepaalde richting aan je leven en je toekomst. Weet echter ook dat deze keuze niet onherroepelijk en definitief is. Als de keuze die je nu maakt op een later tijdstip blijkt tegen te vallen, kan je steeds bijsturen. Er is altijd een weg terug. Je kan bijvoorbeeld tijdens het academiejaar heroriënteren naar een andere richting, je kan een BaNaBa, MaNaMa of initiële master uit een ander studiegebied volgen of je kan op de werkvloer zelf bijscholen en doorgroeien naar een functie die jou nog beter ligt. Met andere woorden: ook na je studiekeuze zijn er keuzes te maken en bijsturing is steeds mogelijk!