menu

UHasselt


Nieuws

Logo UHasselt Universiteit Hasselt - Knowledge in action

< OVERZICHT

Commissie instellingsreview is positief, maar hamert op monitoring    11 sep 2017

Commissie instellingsreview is positief, maar hamert op monitoring
11 sep 2017

De NVAO heeft op 11 september de resultaten bekendgemaakt van de instellingsreview. De UHasselt kreeg een ‘positief oordeel onder voorwaarden’. Er moet volgens het rapport vooral gesleuteld worden aan een betere monitoring van het onderwijsbeleid.

De instellingsreview is een periodieke toetsing van de kwaliteit van het onderwijsbeleid van een universiteit en hogeschool. De reviewcommissie – die de UHasselt in februari en maart bezocht, als laatste Vlaamse universiteit – focuste in haar gesprekken met de beleidstop, docenten en studenten op vier aspecten: (1) de visie van de universiteit op haar onderwijs en de kwaliteit ervan, (2) de manier waarop ze die visie wil realiseren, (3) de wijze waarop ze meet in hoeverre die visie op kwaliteit en beleid ook gerealiseerd wordt en (4) het verbeterbeleid.

“Deze eerste instellingsreview was eigenlijk een nulmeting. Er worden met andere woorden géén rechtsgevolgen verbonden aan het eindoordeel. Wél worden de resultaten openbaar gemaakt”, zegt vicerector Onderwijs Karin Coninx. De resultaten in een notendop:

VISIE EN BELEID: VOLDOET

De reviewcommissie laat zich in haar rapport positief uit over wat ze “een breed gedragen onderwijsvisie” noemt. Ze stelt bovendien vast dat de opleidingen weliswaar werken aan dezelfde doelstellingen, maar dat “de verbinding met het onderwijsbeleid en de zes strategische doelen minder doorleefd” is. De geplande “bottom-upbenadering” bij de revisie van het Onderwijsbeleidsplan 2018-2021 is ze erg genegen, omdat het meer draagvlak en synergie zal creëren.

BELEIDSUITVOERING: VOLDOET

De OMT’s en facultaire stafmedewerkers beschouwt de reviewcommissie als “sterke instrumenten” bij de uitvoering van het onderwijsbeleid en de optimalisatie van de kwaliteit van de opleidingen. Een ander sterk punt is de uitwisseling van ervaringen en de snelle verspreiding van good practices via interfacultaire werkgroepen, de Onderwijsraad en het College van Decanen.

De reviewcommissie haalt ook de “sterke betrokkenheid” van studenten bij de opleidingen aan – verwijzend naar de evaluatievergaderingen. Maar, zo staat in het rapport, op beleidsniveau is dat “minder consequent” geregeld. Als het gaat om de betrokkenheid in beleidsraden en evaluatiecommissies stelt de commissie voor om te reflecteren over de ‘wie’-vraag: StuRa-leden of (verkozen) studentvertegenwoordigers uit de opleidingen.

EVALUATIE EN MONITORING: VOLDOET TEN DELE

Het oordeel van de reviewcommissie over het luik ‘evaluatie en monitoring’ is gemengd. De leden stellen vast dat – dankzij de “systematische en intensieve” evaluatie en monitoring – knelpunten op opleidingsniveau, via de OMT’s, snel worden aangepakt. Het rapport verwijst ook naar de “groeiende set instrumenten die een bijdrage levert aan de monitoring van de kwaliteit van de opleiding” – zoals de studiegids, opleidingsportfolio’s, en het BI-systeem.

Maar, aan de andere kant: het monitoringssysteem levert momenteel nog geen integrale stand van zaken van het Onderwijsbeleidsplan op. Daarnaast adviseert de commissie om de cyclus van strategische planning van opleidingen af te stemmen op die van de faculteiten en de instelling.

Om te kunnen voldoen aan deze derde standaard, zal de UHasselt van de commissie werk moeten maken van een “systematische monitoring van de strategische onderwijsdoelstellingen op instellingsniveau” – waarin de instrumenten die nu in volle ontwikkeling zijn, een rol kunnen spelen.

VERBETERBELEID: VOLDOET

De manier waarop de UHasselt haar onderwijsvisie en -beleid probeert te verbeteren, kan op goedkeuring rekenen van de reviewcommissie. Positief is het feit dat signalen van studenten over opleidingsonderdelen daadwerkelijk leiden tot verbeteringen. Ook wijzen de leden op de mogelijkheden voor docenten rond onderwijsprofessionalisering. Dat er “geleerd wordt van eerdere ervaringen” haalt de commissie eveneens aan als een sterk punt. De gewijzigde, meer bottom-upbenadering bij de revisie van het Onderwijsbeleidsplan springt in dat verband in het oog.

Volgens de commissie zal het verbeterbeleid overigens nog aan kracht winnen als er verder gesleuteld wordt aan de monitoring op instellingsniveau.

EINDOORDEEL: POSITIEF ONDER VOORWAARDEN

Omdat de UHasselt op één van de vier standaarden een voldoet ten dele scoorde, krijgt de universiteit van de reviewcommissie een positief oordeel onder voorwaarden. “Na de volgende instellingsreview – over ten vroegste drie jaar – zullen we aan alle voorwaarden moeten voldoen”, zegt vicerector Onderwijs Karin Coninx. “Daarom zullen we in het Onderwijsbeleidsplan de monitoring van de strategische doelstellingen opnemen, zoals de reviewcommissie expliciet vraagt. En in juli zijn de dashboards van het BI-systeem op het niveau van de instelling en de faculteiten live gegaan.”

"We waren er ons al van bewust dat er te weinig monitoring was van het kwaliteitsbeleid op het centrale niveau – dat overigens niets zegt over het niveau van onze opleidingen", zo reageert rector Luc De Schepper. "We hebben op het vlak van die monitoring al een hele weg afgelegd, maar zullen daar nu nog sterker aan werken." 

VISIO-O
De reviewcommissie heeft niet alleen gekeken naar onderwijsvisie en -beleid, maar ook naar de VISIO-O-cyclus (het systeem waarmee de UHasselt de onderwijskwaliteit van haar opleidingen waarborgt). In hun oordeel prijzen de leden het feit dat duidelijk zichtbaar gemaakt wordt dat het systeem in volle ontwikkeling is en dat er een duidelijk leerproces is. “De constructieve deelname van de opleidingen aan de pilots was cruciaal voor dit succes”, aldus vicerector Karin Coninx.


MEER LEZEN?

U kan het volledige evaluatierapport en VISIO-O-adviesrapport downloaden en lezen. Er is ook een besluit beschikbaar. Andere rapporten zijn te lezen via www.nvao.net.