menu

UHasselt


Nieuws

Logo UHasselt Universiteit Hasselt - Knowledge in action

< OVERZICHT

Jolien Robijns en Özgür Koc pendelen tussen universiteit en ziekenhuis    25 jul 2017

Jolien Robijns en Özgür Koc pendelen tussen universiteit en ziekenhuis
25 jul 2017

De meeste doctorandi hebben vier jaar lang hun vast stekje op de campus. Niet zo Jolien Robijns en Özgür Koc. Zij pendelen voortdurend tussen de universiteit en… het ziekenhuis. Tussen de patiënten en artsen. “We profiteren van het beste van twee werelden”, lachen ze.

Wat trok jullie aan in patiëntgericht onderzoek?

Jolien Robijns: Tijdens mijn opleiding biomedische wetenschappen heb ik veel tijd doorgebracht in labo´s. Onderzoek trok mij altijd aan, maar ik merkte dat ik veel meer geboeid was wanneer ik iets onderzocht dat rechtstreeks impact heeft op de patiënt. Ik was meer gedreven om een oplossing te vinden. En met dat soort onderzoek kan je écht, op relatief korte termijn, een verschil maken in het leven van mensen. Als ik zou doctoreren – en mij vier jaar lang zou moeten verdiepen in één duidelijk afgebakende onderzoeksvraag – moést het dus wel patiëntgericht zijn.

Özgür Koc: Bij mij precies hetzelfde. Kennis op cellulair niveau is belangrijk, maar ik verloor te snel mijn interesse wanneer niet meteen duidelijk was op welke manier die informatie de patiënt effectief vooruithelpt. Daarom ben ik geneeskunde gaan studeren. Als dokter weet ik dat er op dat klinische vlak nog grote uitdagingen liggen. Nog veel te weinig patiëntbehandelingen zijn vandaag evidence based.

In welk opzicht?
Özgür Koc: We kiezen voor een bepaalde behandeling, zonder dat we echt goed opgezette vergelijkende studies in handen hebben die aantonen dat die behandeling voor die bepaalde patiënt de beste oplossing is. Daar wil ik graag mijn steentje aan bijdragen.

LEVENSKWALITEIT

Waar gaat jullie onderzoek concreet over?

Jolien: Ik ga na of we een nieuwe therapie kunnen vinden om patiënten te behandelen met radiodermatitis, een huidreactie bij patiënten die bestraald worden bij onder meer borstkanker of hoofd-halskanker. Die huidwonden – soms zelfs brandwonden – maken het die patiënt moeilijk. Nu wordt radiodermatitis alleen behandeld met crèmes, gels en wondverbanden, maar dat is niet effectief genoeg. Met mijn doctoraat hebben we nu een laserbehandeling ontwikkeld die de ergste graad van huidwonden kan verminderen. Een doorbraak waar patiënten rechtstreeks de vruchten van plukken. Want ze winnen aan levenskwaliteit.

Özgür: Mijn doctoraat – over het voorkomen van virale hepatitis B – zit nog in de opstartfase. De ziekte komt ogenschijnlijk nog maar weinig voor in België, maar in sommige subgroepen kunnen die percentages wél hoog oplopen. Ik concentreer me op twee groepen: migranten en mensen die onvoldoende reageren op het standaard hepatitis B-vaccin.

En wat doe je dan?

Özgür: Bij de migrantenpopulatie breng ik de correcte cijfers in kaart. Maar ik onderzoek ook hoe het komt dat hepatitis B hier nog zo vaak voorkomt en hoe de ziekte wordt overgedragen. Pas als we ons dáár een juist beeld van kunnen vormen, kunnen we ook maatregelen nemen om hen en hun kinderen beter te beschermen. Bij de mensen die immuun blijken voor het standaardvaccin – toch 5% van de bevolking – test ik dan weer een nieuw vaccin uit. De eerste resultaten zijn alvast veelbelovend. Nu al komen mensen me bedanken die bij die 5% horen, omdat ze met deze studie een kans op betere bescherming kunnen krijgen.

SUCCESFACTOR

Waarom is het zo belangrijk dat jullie dit onderzoek in een ziekenhuis uitvoeren?

Özgür: Dáár zijn onze patiënten. Voor hen is het ziekenhuis een vertrouwde setting. Een extra bloedstaal afnemen, is in die context veel minder een struikelblok. En het contact met de artsen is van onschatbare waarde. Hun klinische ervaring helpt ons enorm vooruit.

Jolien: Als je acht weken lang 120 patiënten moet opvolgen, is er geen betere onderzoeksomgeving denkbaar dan een ziekenhuis. Ook de laser die ik gebruik voor mijn doctoraat, is daar gewoon voorhanden. Maar wanneer ik die stalen dan moet onderzoeken in het labo, komt de onderzoeksinfrastructuur en -expertise van de UHasselt weer goed van pas. De artsen kunnen je nu eenmaal minder goed begeleiden bij de vraag welke labotechniek ik nu het best gebruik… Voor mij is die combinatie tussen ziekenhuis en universiteit een cruciale succesfactor.

Özgür: En dan is er ook nog de extra omkadering door het Limburg Clinical Research Program (LCRP). Zo hebben wij bijvoorbeeld ook toegang tot statistische ondersteuning en de faciliteiten van de Universitaire Biobank Limburg, waar we lichaamsstalen van gezonde en zieke patiënten kunnen opvragen en bewaren. Een enorm voordeel, waardoor we sneller betere onderzoeksresultaten kunnen boeken.

Maar waar spenderen jullie nu de meeste tijd?

Jolien: Ik breng 90% van mijn tijd in het ziekenhuis door. Wanneer ik patiënten zie, blijf ik de hele dag op de afdeling van Jeroen Mebis, mijn promotor. Dat is ook makkelijk als ik hem snel een vraag moet stellen. Als diensthoofd medische oncologie in het Jessa heeft hij een zeer drukke agenda, maar tussen twee patiënten door kan ik hem dan toch even spreken. Wanneer ik moet schrijven, doe ik dat het liefst op kantoor, in het ziekenhuis. Ik deel dat met andere LCRP-doctorandi en de postdoc-coördinator die het onderzoek in goede banen leidt. (Lacht) Super, want iedereen zit in dezelfde situatie. Eigenlijk kom ik alleen naar de unief voor labo-onderzoek.

Özgür: In het ZOL hebben wij als LCRP-doctorandi ook zo’n kantoor en postdoc-coördinator. Iedereen praat er over zijn of haar project... Iedereen helpt elkaar ook. Soms met heel praktische dingen: hoe bewaar je je verzamelde bloedstalen het best, wie moet je daarvoor contacteren, hoe vertaal je je onderzoeksresultaten nu het best in duidelijke en wetenschappelijke correcte statistieken… Tien doctorandi weten meer dan één doctorandus.

VLEUGELS

Wat was voor jullie tot nu toe het hoogtepunt?

Özgür: Toen ik vorige maand mocht spreken op een groot internationaal lever-congres. Ik had mij kandidaat gesteld om een poster te tonen, maar werd uitgenodigd voor een presentatie. In een zaal vol vakgenoten uit de hele wereld mogen spreken over je onderzoek, is doodeng. Het angstzweet brak me uit. Maar als al die specialisten interesse hebben in je onderzoek, dan moet het wel relevant zijn. Die presentatie gaf me vleugels.

Jolien: Mijn absoluut hoogtepunt was de award die ik kreeg op een internationaal lasercongres in San Diego. Die kwam totaal onverwacht. Ik voelde me al vereerd dat ik op het congres mocht komen spreken over mijn doctoraatsonderzoek. Toen ik hoorde dat ik een award gewonnen had, was de euforie dus compleet…

En wat na het doctoraat?

Özgür: Da’s nog te ver weg. (Lacht) Eerst wil ik óók een award winnen. In ieder geval wil ik méér dan de titel van doctor behalen. Na vier jaar onderzoek hoop ik dat ik een verschil heb kunnen maken voor patiënten. Ook na m’n doctoraat wil ik patiëntgericht onderzoek blijven combineren met de zorg voor patiënten.

Jolien: Ik ook. Uiteindelijk is het de patiënt die mij drijft. Met mijn onderzoek heb ik letterlijk hun pijn kunnen helpen verzachten. Dat geeft me veel voldoening. Maar het liefst van al zou ik de komende jaren verder willen bekijken voor welke andere ondersteunende kankerbehandelingen low-level lasertherapie het verschil kan maken. Je ziet: aan ideeën geen gebrek.


MEER LEZEN?

Bekijk dan ons nieuwste UHasselt Magazine!

_____________

Over LCRP
Dit doctoraat kadert in het Limburg Clinical Research Program, een samenwerkingsverband tussen UHasselt, Ziekenhuis Oost-Limburg (ZOL, Genk) en Jessa Ziekenhuis (Hasselt) dat mede gefinancierd wordt vanuit de Stichting Limburg Sterk Merk (LSM), Provincie Limburg en de Vlaamse Overheid in het kader van SALK.