Chemie... je kunt niet zonder
Als je onderzoek wil doen over de wereld om je heen, heb je kennis nodig die
beschrijft hoe materie in elkaar zit. Chemie is de studie van de materie: jezelf en
alles wat je omringt.
Je probeert bijvoorbeeld te begrijpen hoe smaak en aroma’s ontstaan en wat je
kunt doen om die beter te bewaren (voedingschemie). Ook kun je leren hoe ziektes
ontstaan, tot op het niveau van een molecule, om zo nieuwe geneesmiddelen
te ontwikkelen. Je werkt dan samen met farmacologen om te kijken of je
nieuwe verbinding het wel of niet doet in het menselijk lichaam.
Daarnaast kun je bestuderen hoe de natuur verbindingen maakt of afbreekt in
cellen, planten en dieren. Dit kan dan leiden tot methoden die waardevolle
verbindingen aanmaken met behulp van organismen (biochemie/biotechnologie).

Verder kun je je afvragen waarom bepaalde materialen beter zijn dan andere en
methoden ontwikkelen waarmee je nieuwe materialen maakt. Je kunt bijvoorbeeld
plastic elektrisch geleidend of lichtgevend maken. Die gebruik je o.a. om
elektronische componenten te maken die nieuwe soorten zonnecellen opleveren
of transistors. Hiervoor werk je samen met fysici en ingenieurs, waarbij je kennis
van fysica goed van pas komt. Dit maakt het natuurlijk extra spannend en verruimend.
Als scheikundig ingenieur bied je oplossingen voor technische problemen en vragen
in verband met proces- en productontwikkeling. Ook de bescherming van het
milieu en controlemethodes en oplossingen formuleren voor een betere wereld
behoort tot de mogelijkheden. Zo werd het verkeerde gebruik van grondstoffen
vastgesteld doordat resten van dioxines gevonden werden in voedsel. Je kunt
alternatieven formuleren voor duurzame energie door te werken aan nieuwe
brandstoffen zoals bijvoorbeeld biodiesel. Chemie heb je echt overal nodig.