Logo UHasselt

menu

UHasselt


Nieuws

Logo UHasselt Universiteit Hasselt - Knowledge in action

< OVERZICHT

Economische schade door biodiversiteitsverlies mogelijk twee tot vier keer hoger dan klimaatmodellen tot nu toe aannemen    9 jul 2020

Economische schade door biodiversiteitsverlies mogelijk twee tot vier keer hoger dan klimaatmodellen tot nu toe aannemen
9 jul 2020

CONTACTPERSOON

Prof. dr. Robert MALINA

32-11-268687

robert.malina@uhasselt.be


Verschillende klimaatschademodellen waarop beleidsmakers zich baseren om de klimaatopwarming tegen te gaan, onderschatten de economische schade door biodiversiteitsverlies. Dat blijkt uit onderzoek van de Universiteit Hasselt, de Australische Nationale Universiteit en de Universiteit van Waterloo (Canada). De economische waarde van biodiversiteit ligt dubbel, tot zelfs vier keer hoger dan tot nu werd aangenomen. “De huidige modellen voor het berekenen van klimaatschades moeten mogelijk hierop aangepast worden, zeker met oog op het nieuwe klimaatrapport van de Verenigde Naties dat verwacht wordt in 2022”, zeggen de onderzoekers.

De onderzoekers komen tot deze conclusie na een analyse van veertig jaar onderzoek naar de waarde van biodiversiteitsbescherming. “We analyseerden 62 studies wereldwijd, waarin mensen bevraagd werden over hoeveel zij bereid zijn om te betalen voor het behoud van biodiversiteit zoals ecosystemen, diersoorten en habitats waar de respondenten zelf waarschijnlijk nooit mee in aanraking zouden komen”, zegt Anne Nobel, doctoraatsonderzoeker aan UHasselt. “Dit soort bevragingen zijn een maatstaf, waarmee men berekent hoe belangrijk de maatschappij het vindt om biodiversiteit te behouden. Uit onze analyse blijkt dat mensen 0,2% tot 0,4% van het BBP per persoon per jaar bereid zijn om te betalen voor de bescherming van biodiversiteit tegen de oorzaken van menselijk handelen, en dat mensen bereid zijn significant meer te betalen om biodiversiteitsverlies tegen te gaan indien dit wordt veroorzaakt door menselijk handelen.”

En dat is veel meer dan tot nu toe wordt aangenomen in de huidige klimaatschademodellen, zo blijkt. Deze klimaatschademodellen helpen beleidsmakers bepalen hoeveel klimaatactie vandaag genomen moet worden om klimaatschade in de toekomst te beperken. Deze modellen werken met schadecomponenten waarmee men berekent hoeveel schade er optreedt per graad dat de temperatuur globaal zou stijgen. Eén van die schadeposten is biodiversiteitsverlies en in sommige van de bestaande klimaatmodellen wordt deze geschat op 0,1% van het BBP per persoon per jaar. Dubbel tot vier keer minder dan dit nieuwe onderzoek dus laat zien”, zeggen de onderzoekers. “Het bedrag van 0?1% BBP is gebaseerd op een conservatieve aanname tijdens de ontwikkeling van de eerste klimaatmodellen in de jaren ’90 en is sindsdien niet meer bijgesteld. Uit onze analyse blijkt nu dus dat het grote publiek mogelijk bereid is om tot vier keer meer te betalen voor het behoud van biodiversiteit dan tot nu wordt aangenomen”, zegt prof. dr. Robert Malina, promotor van dit onderzoek.

Klimaatrapport 2022

En dat zijn belangrijke conclusies met oog op het nieuwe klimaatrapport dat het IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) van de Verenigde Naties in 2022 zal publiceren. In hun verslag uit 2014 staat te lezen dat wanneer wereldwijd de temperatuur tegen 2075 met 2,5 graden celsius stijgt, dit leidt tot een economische schade die geschat wordt tussen de 0,2 en 2% van het globale bruto binnenlands product. “Maar die berekening is onder andere gebaseerd op modellen waarin de niet-gebruikswaarde van biodiversiteit mogelijk dus te laag wordt ingeschat”, zegt Anne Nobel. “Rekening houdend met onze nieuwe cijfers zou de economische schade door een globale temperatuurstijging waarschijnlijk hoger liggen”.

Meer investeringen nodig tegen klimaatopwarming

De huidige klimaatschademodellen moeten mogelijk dus worden bijgesteld, zeggen de onderzoekers. “Wereldwijd worden op basis van deze modellen miljarden geïnvesteerd om de klimaatopwarming tegen te gaan door maatregelen zoals het beperken van CO2-uitstoot en investeren in groene energie. De werkelijke investeringen zouden mogelijk dus nog hoger moeten liggen als we rekening zouden willen houden met de economische schade wanneer biodiversiteit verloren gaat. Want deze schade zal dus hoger liggen dan de klimaatschademodellen nu aannemen. Door de klimaatschademodellen hierop aan te passen, kunnen er betere beslissingen genomen worden ten aanzien van klimaatbeleid”.

Gevraagd naar een reactie over deze studie stelt Hilde Eggermont, coördinator van het Belgisch Biodiversiteitsplatform en nationaal aanspreekpunt van het Intergovernmental Science-Policy Platform on Biodiversity and Ecosystem Services (IPBES): “Deze nieuwe studie werpt een zeer interessant licht op de rol van de niet-gebruikswaarde van biodiversiteit in de evaluatie van het klimaatbeleid. De resultaten tonen ook aan dat de publieke steun voor maatregelen die impact van klimaatverandering op biodiversiteit kunnen tegengaan, afhangt van het publieke inzicht dat deze impact in feite antropogeen is. De resultaten zijn bijzonder relevant in de context van de lopende IPBES evaluatie rond "waarden" die de vele perspectieven op de natuur in kaart wil brengen als een basis voor duurzaam beheer van natuurlijke rijkdommen.”

Dit onderzoek is gepubliceerd in een Special Issue on Evidence Synthesis for Climate Solutions van het vooraanstaande milieuwetenschappelijke tijdschrift Environmental Research Letters. Lees hier het artikel.