Logo UHasselt

menu

Studie- en Studentenbegeleiding


Studiebegeleiding

Studie- en Studentenbegeleiding

Logo UHasselt Universiteit Hasselt - Knowledge in action

HET EXAMEN: HOE PAK IK DIT AAN?

Algemene tips

  • Orienteer je op het examen: begin niet als een kip zonder kop te antwoorden op examenvragen, maar blader eerst het examen eens door. Lees de instructies (wat wordt er van je verwacht?), bekijk hoeveel vragen er zijn, controleer of je bundel volledig is, …
  • Lees aandachtig: lees zowel de instructies als de vragen aandachtig. Duid kernwoorden aan, splits de vragen op in verschillende delen (zodat je op alle onderdelen van de vraag antwoordt), … 
  • Gebruik je kladblad: gebruik je kladblad om per vraag enkele kerngedachten neer te pennen, je antwoord te structureren, oplossingswegen uit te proberen of berekeningen uit te werken, … Ga niet je hele antwoord uitschrijven in klad en daarna netjes overpennen op je examenformulier, daar heb je de tijd niet voor.
  • Makkelijke vragen eerst: blijf niet te lang stil staan bij een vraag als je het antwoord niet meteen weet. Sla moeilijke vragen over en los eerst de makkelijkere vragen op, zo heb je die punten toch al verdiend.
  • Blijf rustig: als je voelt dat de zenuwen de overhand nemen, sluit dan je ogen en adem een paar keer rustig en diep in en uit. Ga op zoek naar de makkelijkste vraag en beantwoord die alvast, of schrijf een paar kerngedachten op je kladblad. Meer info en tips over hoe je stress kan beheersen, vind je onder het thema Stress.
  • Controleer: reserveer tijd op het einde van het examen om jezelf te controleren. Kijk na of je alle vragen hebt ingevuld en lees na. Lees niet enkel je antwoorden, maar ook de vragen na! Ga hierbij ook na of je effectief op de gestelde vraag geantwoord hebt, of je volledig bent geweest, geen spelfouten hebt gemaakt, …

Multiple-choice examen

  • Lees de instructies aandachtig: hoe is de puntenverdeling, wordt er een correctie voor gissen toegepast, is er slechts één antwoord juist of kunnen meerdere antwoorden worden aangeduid per vraag, …?
  • Lees de vragen zeer aandachtig en onderstreep eventueel belangrijke woorden in de vraag. Dek de antwoordalternatieven af en probeer de vraag zelf op te lossen, kijk pas daarna naar de antwoordalternatieven.
  • Duid sleutelwoorden in de vraag aan (vb. ‘altijd’, ‘nooit’, …). Zo trap je niet in logische misleidingen. 
  • Werk in verschillende rondes. In een eerste ronde lees je alle vragen en los je diegene die je zeker weet meteen op, antwoordalternatieven die zeker fout zijn schrap je alvast. In een tweede ronde buig je je over de overblijvende vragen: weet je ondertussen het antwoord? Vul dit dan in. Tel daarna eens hoeveel punten je al hebt, ga na of je nog ruimte hebt om te gokken. Als er correctie voor gissen wordt toegepast, is gokken niet altijd aan te raden! 
  • Gebruik alle beschikbare tijd, lees alles na. Kijk ook na of je jouw antwoord correct hebt overgebracht op het elektronische antwoordformulier. 
  • Als je begint te twijfelen: je eerste antwoord is meestal het beste. Slechts als je echt een grove fout (vb. telfout, compleet fout inzicht) ontdekt, is het aan te raden om op het laatste moment je antwoord toch nog te veranderen.

Examen met oefeningen

  • Verwacht je niet aan exact dezelfde oefeningen als in de cursus, je zou wel eens voor verrassingen komen te staan.
  • Lees de vraag aandachtig en schrijf je eerste bedenkingen op een kladblad. Analyseer de opdracht op een systematische manier.
    1. Wat is gevraagd?
    2. Wat is gegeven?
    3. Wat ga je doen?
    4. Doe het!
    5. Controleer: is het juist, kan dit kloppen?
    6. Ga op je stappen terug als het niet klopt
  • Durf ruim te denken, beperk je niet tot één oplossingsstrategie, misschien zijn er meerdere wegen om tot een oplossing te komen.
  • Tracht het overzicht te behouden! Schrijf eventueel wat je al zeker weet op een apart blad en je berekeningen, bedenkingen en krabbels op een ander blad.
  • De methode die je kunt gebruiken, volgt vaak uit de gegevens. Beperk je niet tot wat er staat, maar ga na wat je weet uit het verleden (voorkennis) om de gegevens verder aan te vullen!
  • Weet je het antwoord echt niet, probeer dan toch enkele principes of formules op te schrijven die je zou moeten gebruiken. Je weet maar nooit of je daarvoor ook punten kan krijgen.

Schriftelijk gesloten boek examen

  • Oriënteer je eerst op het examen:
    • Hoeveel tijd heb je?
    • Hoeveel vragen zijn er?
  • Als er veel vragen zijn: werk dan in rondes. In een eerste ronde lees je alle vragen. Eventueel vul je de makkelijkste vragen al meteen in. Tijdens de tweede ronde sta je wat langer stil bij de iets moeilijkere vragen, in een derde rond buig je je over de erg moeilijke vragen.
  • Als er weinig vragen zijn, lees je eerst alle vragen voor je eraan begint. Je kan al een aantal korte aantekeningen maken in potlood of op je kladblad. Verdeel de beschikbare tijd over de vragen en begin vervolgens met de makkelijkste vraag.
  • Algemeen: 
    • Lees de vraag rustig en duid enkele kernwoorden in de vraag aan.
    • Bedenk je antwoord eerst, voor je het opschrijft (schrijf eerst een conceptantwoord of een aantal kernwoorden op een kladblad). Let hierbij op wat er gevraagd wordt en van je verwacht wordt.
    • Schrijf je antwoord goed uit en laat hierbij zien wat je weet (de docent weet dat namelijk niet), gebruik de gegeven antwoordruimte.
    • Wees duidelijk en accuraat in je beweringen.
    • Breng structuur aan in je antwoord: maak verschillende alinea’s, onderlijn kernwoorden, breng een nummering aan indien nodig, …
    • Geef originele voorbeelden (je kan terwijl je studeert al nadenken over mogelijke toepassingen/voorbeelden uit je dagelijks leven).
    • Check regelmatig of je je wel aan de opdracht houdt (lees de vraag goed na, alsook je antwoord: heb je wel op de vraag geantwoord?).
    • Schrijf duidelijk en leesbaar.
    • Vermijd chaotische zijsprongen in je antwoord.

Mondeling gesloten boek examen

  • Vooraf: informeer je over de precieze vorm en het verloop van het examen: hoeveel voorbereidingstijd krijg je, moet je je antwoord volledig uitschrijven zodat de docent het vervolgens kan nalezen en er bijvragen bij stellen, of moet je slechts notities maken die voor jezelf (tijdens je mondelinge uiteenzetting) als leidraad dienen? 
  • Schriftelijke voorbereiding: 
    • Blijf niet te lang bij een vraag tot ze volledig in detail is uitgewerkt. Het zou kunnen dat je dan geen tijd meer hebt om de volgende vraag voor te bereiden. 
    • Vermijd volzinnen. Beperk je tot een kort en gestructureerd antwoordschema met kernwoorden. Wanneer je voorbereiding wordt nagelezen door de docent, schrijf het antwoord dan uitvoeriger neer.
  • Mondelinge uiteenzetting:
    • Neem de tijd om te antwoorden. 
    • Situeer de vraag en je antwoord in het geheel van de cursus.
    • Antwoord op een dynamische en boeiende manier. Vermijd eentonigheid en afdreunen. 
    • Vertel het antwoord in plaats van het af te lezen van je blad, kijk de docent aan als je antwoordt. 
    • Laat je niet uit je lood brengen door bijvragen (die zijn meestal van minder belang dan je hoofdvraag). Neem de tijd om rustig na te denken over je antwoord, ook op bijvragen. Als je het antwoord echt niet weet, zeg dat dan gewoon, kraam geen totale onzin uit. Vraag eventueel om verdere toelichting bij de vraag. 
    • Eindig je uiteenzetting met een besluit waarin je jouw antwoord samenvat. 
    • Probeer je niet van je stuk te laten brengen door de gezichtsuitdrukking of gedragingen van de docent. Bepaalde reacties van docenten zijn bijvoorbeeld te wijten aan vermoeidheid, onafhankelijk van de juistheid van jouw antwoord.

Open boek examen

  • Een veel voorkomend probleem bij open boek examens is tijdsgebrek. Er is doorgaans niet voldoende tijd om nog hele passages uit je handboek te herlezen. Zorg er dus voor dat je de leerstof goed beheerst (concentreer je tijdens het studeren op de grote lijnen, maar probeer toch zoveel mogelijk te memoriseren) en gebruik je boek enkel om je antwoord even na te kijken. 
  • Verdeel de beschikbare examentijd over de examenvragen en houd je aan deze tijdsplanning.
  • Zorg dat je cursus goed gestructureerd is, zodat je snel informatie kan terugvinden. Maak hierbij gebruik van een inhoudsopgave, aantekeningen en markeringen in de tekst, een trefwoordenlijst, een lijst met belangrijke namen en auteurs, post-its, schema’s, enzovoort. 
  • Vermijd om passages uit je handboek letterlijk over te pennen. Op een open boek examen wordt zelden gevraagd naar informatie die je gewoon uit het boek kan kopiëren, wel wordt er gevraagd naar toepassingen, verbanden, en dergelijke.

Heb je na het lezen van deze informatie nog vragen of nood aan begeleiding? 
Aarzel dan niet om contact op te nemen met een studiebegeleider.

Printversie van alle info en tips rond blok en examens