Logo UHasselt

menu

Education


Kwaliteitszorg -en

Education

Logo UHasselt Universiteit Hasselt - Knowledge in action

BACHELOR EN MASTER ARCHITECTUUR


MISSIE

“De opleiding architectuur wil studenten in een creatieve, studentgerichte leeromgeving opleiden tot breed inzetbare architecten die het “Design for Life”-motto van de faculteit verder uitdragen in de maatschappij. Dit gebeurt door studenten doorheen hun opleiding, met aandacht voor de wisselwerking tussen praktijk (métier en creativiteit) en reflectie (concept en programma), academische en professionele vaardigheden bij te brengen binnen de drie rollen van de architect: ontwerper, onderzoeker en manager.”

Toelichting

De faculteit Architectuur en kunst wil in Vlaanderen en Europa toonaangevend zijn en wil met de studenten, docenten en onderzoekers werken aan het beter en mooier maken van de bebouwde omgeving. We willen ontwerpen met engagement, met inzet, met empathie, met generositeit en ook met veel goesting. We willen ontwerpen voor iedereen. Het motto van de faculteit is “Design for Life”. Het verbeteren van de levenskwaliteit voor de gebruiker – psychologisch, esthetisch en ecologisch – staat hierbij centraal. De faculteit wil haar studenten, docenten en onderzoekers een eigen context bieden om zichzelf te ontwikkelen tot een niveau van excellentie in een internationale context en dit met een duidelijke maatschappelijke verantwoordelijkheid en regionale betrokkenheid voor ogen. Om hiertoe te komen, staat een wisselwerking tussen praktijk (métier en creativiteit) en reflectie (concept en programma) centraal. In onze opleidingen brengen we met andere woorden de hand, het hoofd en het hart bij elkaar.

VISIE

“Door de focus te leggen op verschillende maatschappelijke ontwikkelingen en toekomstige uitdagingen wil de opleiding nog meer zichtbaarheid geven aan haar bestaande expertise en een innoverende rol spelen in een regionale, nationale en internationale context. De opleiding wil hierbij haar studenten, docenten en onderzoekers een eigen context bieden om zichzelf te ontwikkelen tot een niveau van excellentie en dit met een duidelijke maatschappelijke verantwoordelijkheid voor ogen.”

Toelichting

De faculteit en haar opleidingen willen inzetten op volgende doelen:

  • Excellentie: De bestaande kwaliteit van het onderwijs willen we waarborgen en verder uitbouwen tot het niveau van het excellente. Het recent uitgebouwd onderzoek ontwikkelen we met twee doelen: (1) een autonoom kenniszwaartepunt genereren rond een aantal maatschappelijk relevante vragen om (2) onderbouwd, gericht en excellent onderwijs aan te bieden.
  • Internationalisering: Het excelleren in onderzoek en ontwerp zal het bestaande internationale netwerk van de opleidingen en de onderzoeksgroepen doen toenemen. Dit wordt bijkomend versterkt door het internationaal aantrekken van en samenwerken met studenten, docenten en onderzoekers. De internationale profilering van de faculteit en haar opleidingen wordt verder ontwikkeld.
  • Maatschappelijke verantwoordelijkheid: Het (ontwerp)onderwijs is steeds gericht op een publiek en op gebruikers. Activiteiten en projecten van studenten, docenten en onderzoekers, en daarmee deze van de faculteit, bezitten een maatschappelijke relevantie. Door deze maatschappelijke relevantie en zichtbaarheid neemt de faculteit haar verantwoordelijkheid op in tal van domeinen zoals het culturele, het artistieke, het sociale, het pedagogische, het economische, ...

Vanuit deze doelen wil de opleiding architectuur verschillende acties ondernemen in onderwijs en onderzoek om binnen vijf jaar (2017-2022) een voorname referentie in Limburg te zijn voor alle aspecten van de discipline architectuur. Ze wil de plek zijn waar iedereen naar toe kan komen m.b.t. architectuur en zichtbaar zijn in de samenleving. Binnen Vlaanderen wil ze van betekenis zijn voor enkele specifieke onderzoeksdomeinen. De opleiding wil rond enkele van deze domeinen een uitzonderlijke kennisconcentratie verder ontwikkelen waarvoor ze ook internationaal zichtbaar is, en zelfs een referentiepunt. De faculteit wil zich de volgende jaren nog sterker profileren in Vlaanderen, de Euregio en de wereld. Vanuit het te ontwikkelen onderzoek wordt een exclusieve expertise ontwikkeld die ook voor de identiteit van het onderwijs erg belangrijk wordt. Internationale benchmarking is hierbij steeds belangrijk.

 

 

Opmerking: de volledige VISIO-O cyclus (eigen regie voor kwaliteitsborging) wordt hier toegelicht.

ONDERWIJSKWALITEIT

Het rapport onderwijskwaliteit geeft een analyse van de onderwijskwaliteit van de opleiding. Stafmedewerkers van de dienst Kwaliteitszorg maakten op basis van het opleidingsportfolio en data uit kwaliteitszorginstrumenten een analyse over de onderwijskwaliteit. In dialoog werd deze analyse verder afgestemd met de opleiding.

Na het finaliseren van de analyse formuleerden de dienst Kwaliteitszorg en de directeur Onderwijs i.s.m. de opleiding suggesties en opportuniteiten, afgestemd op de onderwijsvisie en doelstellingen van de universiteit.

Het rapport onderwijskwaliteit werd voorgesteld op het Onderwijsmanagementteam van 27 juni 2016, waarna het werd gefinaliseerd. Het finale rapport werd bezorgd aan het OMT, de vicerector Onderwijs en de decaan, en is toegevoegd aan het opleidingsportfolio. Het rapport maakt integraal deel uit van het strategieplan, dat werd voorgelegd aan de Raad van Bestuur.

Het rapport onderwijskwaliteit stemt overeen met de kwaliteitskenmerken uit het kwaliteitszorgstelsel en de Standards and Guidelines for Quality Assurance in the European Higher Education Area.

VISIECOMMISSIE 

De visiecommissie is gericht op de visie of het visionaire aspect van de opleiding. De visiecommissie focust op het academisch niveau en het inhoudelijk actualiteits-gehalte van de opleiding. De commissie velt geen oordeel over de kwaliteit van de onderwijsaspecten van de opleiding.

De leden van de visiecommissie treden als kritische vrienden vanuit verschillende invalshoeken in dialoog met het OMT en diverse stakeholders van de opleiding. In haar bijeenkomst van 30 mei 2016 analyseerde de visiecommissie op basis van aangeleverde stukken en een locatiebezoek de ingeslagen richting en de toekomstvisie van de bachelor- en masteropleiding in de architectuur De commissie voerde gesprekken met achtereenvolgens:

  • het OMT, dat het huidige curriculum en een blauwdruk van curriculumhervorming toelichtte en het gesprek aanging over de visie op de hervorming en de aansluiting bij de beroepsuitoefening
  • de alumni en het werkveld die bevraagd werden over de mate waarin de opleiding aansluit bij de eisen van het beroepenveld
  • studenten die hun ervaringen in de opleiding bespraken.

Hieruit heeft de commissie een breed beeld kunnen vormen van de opleiding, haar kwaliteiten en haar uitdagingen.

Leden visiecommissie

  • Voorzitter, peer: Prof. dr. Lara Schrijver, Universiteit Antwerpen
  • Inhoudelijk expert: Prof. ir. Wim Van den Bergh, hoogleraar RWTH Aachen
  • Vertegenwoordiger beroepenveld: Bart Lens, architect Lens°Ass Architecten, Bokrijk Bouwmeester
  • Alumnus en/of student: Marie Frioni, alumna

 

BIJZONDERE KENMERKEN

  • Een van de sprekende kwaliteiten van de opleiding is een gezamenlijk gedragen visie op onderwijs, waarin allen betrokken worden: er blijkt uit de gesprekken ook een sterke studentenparticipatie.
  • De profilering van de opleiding
  • Het personeelsbestand is een combinatie van academisch en praktijkgericht, waarmee zowel wordt voldaan aan de invulling van onderzoek op academisch niveau, als aan de aandacht voor de professionele eindcompetenties en kwalificaties.
  • Het onderzoek is goed geconsolideerd in de gebieden beelding, bouwkunde, mens en cultuur, en ontwerpen. Door deze op te nemen in de vier thematische gebieden wordt evenwel gezorgd dat het onderzoek binding blijft houden met de specifieke competenties van de opleiding: presentatie- en communicatietechnieken, constructie en techniek, programma en context, en het ontwerpen.
  • Internationalisering is sterk ingebed in het curriculum. De opleiding beschikt overeen uitgebreid internationaal netwerk van gastdocenten en stageplekken. Een treffend voorbeeld van de internationalisering in het curriculum is de Tanzania studio, waarin studenten zich engageren met een lokale problematiek daar en ook enige tijd ter plekke zijn.
  • Een van de duidelijk voorliggende kansen voor de opleiding in Hasselt is haar regionale identiteit. De campusachtige omgeving straalt rust uit, en geeft daarmee een afgebakende plek om zich te engageren met fundamentele vragen van het ontwerpen. De individuele begeleiding en aandacht zijn een duidelijke meerwaarde van deze opleiding, en verdienen blijvende aandacht in de hervorming naar een meer integraal onderwijs.

AANBEVELINGEN

  • Het zal belangrijk blijven om de communicatielijnen kort en direct te houden. Dit strekt van de interne communicatie tussen de verschillende onderwijsteams, tot de communicatie tussen studenten, alsook met het werkveld. Ook suggereert de commissie vaker de lokale bedrijven waar studenten zullen gaan werken te betrekken, als stakeholders van de opleiding.
  • De opleiding heeft aandacht voor de input van studenten en richt hier feedbackmomenten voor in. Er kan verder nagegaan worden hoe de veeleer informele feedback van diverse stakeholders geoptimaliseerd en geformaliseerd kan worden.
  • Heel wat verbeteracties uit het visitatierapport zijn opgenomen. Deze worden op dit moment niet systematisch opgevolgd. Een aanbeveling is dan ook om dit meer systematisch aan te pakken.
  • Een belangrijke overweging voor de curriculumhervorming is de keuze tussen gefaseerde implementatie of juist een volledige hervorming. Voor beide opties zijn goede argumenten. De commissie zou in principe eerder adviseren om de implementatie gefaseerd te laten plaatsvinden, vanaf het eerste jaar. Daarmee kunnen jaarlijks de kinderziektes uit de eerste jaren worden gehaald, terwijl er meer tijd is voor de precisering en concretisering van de hogere opleidingsjaren.
  • Vanuit zowel het werkveld als de studenten is de behoefte uitgesproken om technische en praktische kennis meer in de opleiding te oefenen. Dit zou niet ten koste moeten gaan van de huidige sterktes van de opleiding, maar veeleer als een aanvulling. Vooral de soft skills zoals in teamverband werken en de technische aspecten van de beroepspraktijk zoals projectcalculaties en bouwtechnische uitwerking verdienen hier de aandacht.
  • De stage kan meer geïntegreerd worden in het curriculum. Dit biedt een kans om de vragen over de binding met de werkelijkheid te beantwoorden, en ook nauwer contact te zoeken met de stakeholders uit de regio. Op Vlaams niveau, mogelijk bij de VAA, ligt hier een kans om de huidige inrichting van de beroepsstage tegen het licht te houden. De opleiding zelf zou een voorzet kunnen doen door te experimenteren met een andere inrichting van de stage in relatie tot de opleiding.
“Uit alle gesprekken en verkregen informatie kan de commissie concluderen dat hier een goed team met een breed gedeelde basis aan het werk is, waardoor de gezamenlijk uitgedragen visie zich ook daadwerkelijk manifesteert in de opleiding. In die zin waardeert de commissie ook sterk de kwaliteiten die meteen zichtbaar zijn.”

STRATEGIEDAG - EN PLAN

Op 24 oktober 2016 vond de strategiedag voor de opleidingen bachelor en master in de architectuur plaats. Aan deze dag namen de vicerector onderwijs, de decaan van de faculteit, de OMT-voorzitter, de leden van het OMT en stafmedewerkers onderwijs/dienst Onderwijsontwikkeling, diversiteit en innovatie/dienst Kwaliteitszorg deel.

Het strategieplan werd goedgekeurd op de Raad van Bestuur van 7 maart 2017.

Doelstellingen

Versterken van de kwaliteit van de opleiding d.m.v. inzet op onderwijsontwikkeling en -innovatie

  • Implementeren en evalueren van de curriculumhervorming in de bachelor
  • Ontwikkelen, implementeren en evalueren van de curriculumhervorming in de master
  • Uitbouwen van een “stage 2.0” in de opleiding/stagecoördinatie als link met het werkveld
  • Uitwerken van een transparant en actueel evaluatiebeleid
  • Uitwerken van een vernieuwend werkvormenbeleid
  • Verder inzetten op maakbaarheid/realiteitszin in de opleiding in dialoog met het werkveld

Verder uitwerken van de internationale ambitie van de opleiding op het vlak van mobiliteit, programma en netwerk

  • Uitwerken van een mobility window in de bachelor (voor zowel uitgaande als inkomende mobiliteit)
  • Opstellen van een actieplan om een internationale master in te richten, zo mogelijk in samenwerking met (een) andere instelling(en) en afgestemd op ontwikkelingen in het onderzoek/werkveld en Euregionale noden
  • In kaart brengen van het bestaand internationaal netwerk en opstellen van een actieplan voor de verdere uitbouw van dit netwerk (o.a. Euregio) met sterke internationale partners
  • Opzetten van nieuwe acties en kritische evaluatie van bestaande acties rond internationalisering (in- en uitgaande mobiliteit van docenten en studenten)

Versterken van de relatie onderwijs-onderzoek

  • Integratie van onderzoek in de ontwerpstudio bachelor en master versterken
  • Verder werken aan onderzoeksgebaseerd onderwijs

Versterken van de relatie onderwijs-maatschappij

  • Positionering van faculteit Architectuur als referentiepunt door actieve deelname aan het maatschappelijk debat
  • Verstevigen van de regionale en stedelijke verankering en van de visibiliteit van fac ARK in de regio/de stad
  • Verder uitbouwen van de alumniwerking (incl. uitstroombegeleiding) en de relatie met het werkveld en andere organisaties
  • Opstellen van een actieplan om één of meer postgraduaten in te richten

Verbeteren van de communicatie en organisatie van de opleiding 

  • Verbeteren van de interne en externe communicatie over de opleiding
  • Definiëren en ontwikkelen van een complementair personeelskader, i.h.b. ontwikkeling van het ZAP-kader, voor 2022
  • Uitbouwen van een aanbod op het vlak van professionalisering in onderwijs en onderzoek
  • Uitbreiding voorzieningen