Logo UHasselt

menu

Faculteit Rechten


Actueel

Faculteit Rechten

Logo UHasselt Universiteit Hasselt - Knowledge in action

< OVERZICHT

Rechten van dieren, plichten van mensen    18 mei 2017

Rechten van dieren, plichten van mensen
18 mei 2017

Volgens een Waals voorontwerp van decreet zullen dieren erkend worden als levende wezens met gevoelens, en niet langer als roerende goederen. Sanne Potargent, assistent staatsrecht, vindt die nieuwe juridische categorie een goede zaak en hoopt dat Vlaanderen, en de federale wetgever dat voorbeeld volgen. Dat schrijft ze in het jongste nummer van de Juristenkrant (10 mei 2017). “Dieren verdienen misschien niet volgens iedereen rechten, maar mensen hebben wel plichten ten opzichte van dieren. Daar hebben ze recht op,” aldus de onderzoekster.

Op donderdag 20 april heeft de Waalse regering een voorontwerp van decreet goedgekeurd over het juridisch statuut van dieren. In het voorontwerp van decreet wordt er voor dieren een nieuwe juridische categorie binnen het burgerlijk wetboek gecreëerd, die hen niet langer als louter goederen beschouwt. Het nieuwe statuut zou bepalen dat dieren ‘levende wezens met gevoelens’ zijn. Dat staat in contrast met de huidige juridische status van dieren.

Volgens de Waalse regering kan zij sinds de zesde staatshervorming wijzigingen aanbrengen aan het burgerlijk wetboek, maar de Raad van State zal gevraagd worden zich daarover uit te spreken.

Het nieuwe juridische statuut van dieren zal ook opgenomen worden in een nieuwe ‘code Wallon du bien-être animal’.

Roerende goederen
Momenteel worden dieren in het burgerlijk wetboek geplaatst onder de categorie van de roerende goederen (artikel 528 BW). Aangezien het gelijkstellen van dieren met goederen, in wezen levenloze objecten, in het burgerlijk wetboek in feite een opmerkelijk gegeven is, is de nieuwe juridische categorie in dat opzicht een verbetering. Dieren zullen juridisch expliciet erkend worden als dat wat ze zijn, geen stoel of een auto, maar levende wezens met gevoelens. Dat dieren gevoelens hebben, staat wetenschappelijk vast (I.J. Makowska en D.M. Weary, ‘Assessing the emotions of laboratory rats’, Applied Animal Behaviour Science, 2013, 148,1-12 en M.E. Kret, L. Jaasma, T. Bionda en J.G. Wijnen, ‘Bonobos (Pan paniscus) show an attentional bias toward conspeciics’ emotions’, Proceedings of the National Academy of Sciences, 2-16 113(14), 3761-3766). 

Dierenwelzijnswet
De huidige juridische behandeling van dieren verdient wel een verdere toelichting. Dieren zijn weliswaar goederen volgens het burgerlijk wetboek, maar er bestaat wel een dierenwelzijnswet. Die wet betekende een keerpunt in de behandeling van dieren. Daarvoor werden dieren immers eerder passief beschermd, voornamelijk tegen de wreedheden van mensen. Maar de groei van de industriële veeteelt, het toenemend aantal wetenschappelijke dierproeven en de grote handel in en het houden van gezelschapsdieren deed de nood aan een actievere bescherming van het dierenwelzijn ontstaan.

De wetgever grondde die bescherming op de gewijzigde levensomstandigheden van dieren en de daarbij horende ethische overwegingen. Aan de hand van de actieve bescherming van het dierenwelzijn streeft men ernaar om te voorzien in de behoeften van de dieren. Bovendien is er in het wetsontwerp van de dieren-welzijnswet al melding van een ‘groeiend onbehagen omwille van herhaalde voorbeelden waarbij het dier als voorwerp wordt behandeld’ (ontwerp van wet betreffende de bescherming en het welzijn der dieren, Parl. St. Senaat 1982-1983, nr. 469).

Dieren zijn echter nog steeds voorwerpen volgens hun juridische status, ondanks de dieren-welzijnswet. Maar nu, enkele decennia later, is er dus sprake van een voorontwerp van decreet dat een nieuwe kentering kan teweegbrengen. Het doel van het voorontwerp is immers om dieren uit de categorie van goederen te halen. Zo’n wijziging van het statuut van dieren zou bovendien een zwaardere bestraffing van dierenverwaarlozing mogelijk maken.

Bovendien is de aanpassing nodig gelet op de veranderende mentaliteit en de wetenschappelijke vooruitgang.

Katalysator
Ondanks de mooie intenties, blijft het de vraag of de voorgestelde bepaling een substantiële verandering inzake de behandeling van dieren zal teweegbrengen. Zo bestaat er in Frankrijk al een gelijkaardige bepaling in het burgerlijk wetboek, namelijk artikel 515-14 Code Civil. De dieren staan daar niet meer onder de categorie van de goederen, want ze staan boven de titel van Boek II van de Code Civil dat handelt over de goederen. Wel bepaalt het artikel dat dieren, onder voorbehoud van de wetten die hen beschermen, onder het stelsel van de goederen vallen. Dat lijkt te impliceren dat er niet veel verandert. Het betekent echter dat dieren geen roerende goederen zijn, maar dat ze wel standaard onderworpen zijn aan het stelsel van de goederen. Zo’n juridische hervorming is daarom geen eindpunt, maar een vertrekpunt. Het veroorzaakt op zich geen grote verandering, maar kan wel leiden tot het uitwerken van bijzondere wetgeving die rekening houdt met het feit dat dieren levende wezens met gevoelens zijn (R. Hutin, ‘Wijziging van de rechtspositie van het dier in de Franse wetgeving’ in G. Van der biesen (ed.), Colloquium Belgische Senaat, Dertig jaar wet op het dierenwelzijn in België: stand van zaken en vooruitzichten, Centrale drukkerij van de Kamer van Volksvertegenwoordigers, 6 december 2016, p. 25). Ook in België zal de voorgestelde wijziging van het juridisch statuut van dieren an sich geen grote verandering teweegbrengen, maar kan het wel een katalysator zijn voor het ontwikkelen van wetgeving die dat wel doet.

Symbolisch belang
Ondanks het feit dat er geen concrete rechten voor dieren ontstaan met de voorgestelde bepaling, valt het (symbolische) belang niet te ontkennen. Dieren zijn geen goederen en dat dient ook in het recht erkend te worden. De mogelijke aanpassing van het juridische statuut van dieren weerspiegelt dan ook de mentaliteitsverandering die er in de maatschappij gaande is. Het juridisch erkennen dat dieren levende wezens met gevoelens zijn toont aan dat er een publiek besef is dat mensen een plicht hebben om dieren ook als dusdanig te behandelen. Door het openbaar maken van wantoestanden in de omgang met dieren, denk aan de gruwelijke beelden van het slachthuis in Tielt, tot bewustmakingsacties zoals ‘Dagen zonder vlees’, is het dan ook duidelijk.
Dieren verdienen misschien niet volgens iedereen rechten, maar mensen hebben wel plichten ten opzichte van dieren. Daar hebben ze recht op.