Logo UHasselt

menu

IMOB


Actueel

IMOB

Logo UHasselt Universiteit Hasselt - Knowledge in action

< OVERZICHT

Prof. dr. Davy Janssens: “Vooral op kantelmomenten in hun leven denken mensen na over hun mobiliteit”    8 sep 2017

Prof. dr. Davy Janssens: “Vooral op kantelmomenten in hun leven denken mensen na over hun mobiliteit”
8 sep 2017

“Met Route2School verrichten we pionierswerk waarbij we nu ook ouders en kinderen een stem geven om verkeersveiligheid in en rond schoolomgevingen te verbeteren”, zegt professor Davy Janssens aan Geert Van Hecke, redacteur bij gezinskrant De Bond. Met dat pionierswerk doelt deze mobiliteitsexpert op de inspanningen van het Instituut voor de Mobiliteit (IMOB) aan de Universiteit Hasselt om veilige schoolroutes in kaart te brengen. Maar als onderzoeksinstituut is het IMOB vooral bekend om zijn doorwrochte studies over verplaatsingsgedrag. Dat levert belangrijke data voor de Limburgse onderzoekers om mee oplossingen te zoeken voor actuele mobiliteitsvraagstukken die prof. dr. Davy Janssens even voorgelegd kreeg.

Elke dag leggen we met zijn allen in Vlaanderen miljoenen kilometers af om de afstanden tussen werk, school en vrije tijd te overbruggen. Voor heel België gaat het naar schatting over meer dan 80 miljard autokilometers per jaar. Om een beter zicht te krijgen op die verplaatsingen is de Vlaamse overheid in 1994 gestart met het Onderzoek VerplaatsingsGedrag, kortweg OVG. Een willekeurige groep van zo’n 1.600 Vlamingen wordt daarbij telkens bevraagd, een opdracht die sinds 2007 toevertrouwd is aan het IMOB.

En… verplaatsen we ons dan vandaag meer dan pakweg tien jaar geleden?
Het zal misschien verbazen, maar op die tien jaar tijd is het aantal verplaatsingen per Vlaming en de gemiddelde afstand die iemand aflegt, redelijk constant gebleven. Prof. dr. Davy Janssens: "Wat daarentegen opvalt, is hoe ons verplaatsingsgedrag vooral wijzigt op kantelmomenten in ons leven. Je verhuist, je verandert van werk, de kinderen gaan naar school… en dan moet je onvermijdelijk nadenken over hoe je je elke dag weer verplaatst. Dat zijn de momenten waarop mensen in hun buurt zoeken naar alternatieven voor hun normale verplaatsingen en daar kan een beleid bewust op inspelen. Gewoontegedrag is altijd moeilijk te doorbreken, dus daarom is het des te belangrijker om mensen aan te spreken op het moment dat ze er het meest gevoelig voor zijn.”

Maar verplaatsen veel gezinnen zich nu sowieso niet duurzamer dan in het verleden?
“Daar is zeker nog een hele weg af te leggen, als je bijvoorbeeld weet dat bijna zeven op de tien kinderen nog altijd met de auto naar school gebracht worden. Maar het klopt dat heel wat steden ook bij ons – naar buitenlands voorbeeld – de afgelopen jaren een duurzamer mobiliteitsbeleid gevoerd hebben. Grote delen van de stadskern worden autovrij of autoluw en rond het centrum duiken
er park & ride-zones op of deelfietspunten. Veel beleidsmakers zijn er intussen duidelijk van overtuigd dat meer ruimte creëren voor voetgangers en fietsers hun stad leefbaarder maakt.”

Toch roept de invoering van mobiliteitsmaatregelen vaak luid protest op. "We moeten goed beseffen dat het positieve etiket van steden als Amsterdam en Kopenhagen als fietsstad er ook maar door de jaren heen gekomen is. Die steden koesteren dat label, want het maakt hen uniek tegenover andere grootsteden. Mensen passen hun gedrag dus na een tijd – hoewel meestal niet op korte termijn – wel degelijk aan.

Artikel in gezinskrant De Bond

Lees het volledige artikel in de gezinskrant 'De Bond' van vrijdag 8 september 2017.