Logo UHasselt

menu

Personeelsdienst


Personeelsbeleid

Personeelsdienst

Logo UHasselt Universiteit Hasselt - Knowledge in action

SALARISSCHALEN ATP

Als Administratief en technisch personeelslid (ATP) kan je een contractuele of statutaire aanstelling hebben. 

Verder wordt het ATP opgedeeld in functieklassen (voorheen graden). Binnen elke functieklasse zijn volgende salarisschalen van toepassing:

Functieklasse Salarisschalen Extra salarisschaal*
1 011 ZAP**  /
2 11 - 12 /
3 9.1 - 9.2 - 10.1 - 10.2 /
4 8.1 - 8.2 - 9.1 - 9.2 /
5 7.1 - 7.2 - 8.1 - 8.2 /
6 6.1 - 6.2 - 7.1 - 7.2 /
7 5.1 - 5.2 - 5.3 - 6.1 6.2
8 3.4 - 4.1 - 4.2 - 4.3 5.1
9 2.3 - 2.4 - 3.1 - 3.2 3.3
10 2.1 2.2

* Voor de functieklassen 7 t.e.m. 10 is er een overgang naar een extra salarisschaal na 10 jaar schaalanciënniteit.
** Voor functieklasse 1 gelden afwijkende regels wat betreft inschaling. Neem hiervoor contact op met de personeelsdienst van de UHasselt.

Het brutoloon waaraan je verloond zal worden bij indiensttreding, wordt bepaald op basis van je geldelijke anciënniteit en inschaling. Je kan doorheen je loopbaan aan de UHasselt ook doorgroeien in de salarisschalen. 

Geldelijke anciënniteit = erkenning van werkervaring
Vooralleer je kan ingeschaald worden in een salarisschaal moet er bepaald worden welke eventuele werkervaring(en) erkend kunnen worden. Dit noemen we het bepalen van je geldelijke anciënniteit.

  • Alle prestaties bij voorgaande werkgevers die nuttig worden geacht voor de uitoefening van de functie bij UHasselt worden hierbij meegenomen als nuttige ervaring, behalve diensten gepresteerd als jobstudent, schoolstages, leercontract en diensten die niet onderworpen waren aan een stelsel van sociale zekerheid.
  • Prestaties vanaf 50% tellen volledig mee; die aan minder dan 50% worden aan de helft erkend.
  • Enkel volledig begonnen en beëindigde maanden tellen mee** (vb. tewerkstelling van 16.01.2020 t.e.m. 15.06.2020 = 4 maanden, want januari en juni tellen niet mee omwille van onvolledige maanden)
    ** tenzij aaneensluitend met een vorige of volgende tewerkstellingen, dan wordt er dus wel doorgerekend.

Het totaal aan jaren en maanden erkende werkervaring noemen we dus je geldelijke anciënniteit bij indiensttreding. Deze periodes van tewerkstelling dienen officieel gestaafd te worden aan de hand van attesten van tewerkstelling.

Inschaling
Een inschaling is het bepalen op welke trede in de salarisschaal je terechtkomt bij indiensttreding. Als nieuw personeelslid gebeurt je inschaling steeds in de eerste salarisschaal van de betreffende functieklasse. (vb. functieklasse 7, inschaling in salarisschaal 5.1)
De toekenning van de trede gebeurt dus overeenkomstig het toekennen van de geldelijke anciënniteit.

Een voorbeeld:
Een ATP-personeelslid treedt in dienst op 01.04.2020 in klasse 5.
Ze start in de salarisschaal 7.1
Betrokkene heeft een werkervaring opgebouwd bij vorige werkgevers van in totaal 5 jaar en 4 maanden(= geldelijke anciënniteit).
De inschaling gebeurt dus in trede 5 binnen de weddenschaal 7.1

Doorgroei binnen dezelfde salarisschaal
Binnen een salarisschaal zijn er verschillende treden. Je groeit door naar de volgende trede via ononderbroken tewerkstelling. 
Volgende treden leiden tot salarisstijgingen: trede 1 t.e.m. 4 en daarna om de twee jaar (op trede 6, 8, 10, enz…). Er is ook telkens een maximum per salarisschaal.
Het moment van doorgroei binnen je salarisschaal is volledig afhankelijk van je inschaling, van je geldelijke anciënniteit dus, m.a.w. van je trede in de salarisschaal bij indiensttreding.

Een voorbeeld:
Een ATP-personeelslid treedt in dienst op 01.04.2020 in klasse 8. Ze start in de salarisschaal 3.4
Ze start met bijvoorbeeld een geldelijke anciënniteit van 15 jaar en 1 maand, op trede 15 dus.
Er is een weddeverhoging binnen deze salarisschaal op trede 16 d.w.z. een geldelijke anciënniteit van 16 jaar.
Betrokkene heeft reeds 15 jaar en 1 maand op 01.04.2020, dus binnen 11 maanden op 01.03.2021, bereikt ze trede 16 met de bijbehorende weddeverhoging.
De eerstvolgende verhoging ontvangt ze bij 18 jaar geldelijke anciënniteit, bij trede 18 dus op 01.03.2023.

Doorgroei naar een volgende salarisschaal
Je maakt als personeelslid automatisch de overgang naar de volgende salarisschaal binnen je functieklasse na 6 jaar schaalanciënniteit.
Voor de functieklassen 7 t.e.m.10 gebeurt de overgang naar de extra salarisschaal na 10 jaar schaalanciënniteit.
De overgang naar de volgende salarisschaal gaat steeds in de eerste van de maand.

Een voorbeeld:
Een ATP-personeelslid treedt in dienst op 01.04.2020 in klasse 7.
Ze start in de salarisschaal 5.1 met bijvoorbeeld een geldelijke anciënniteit van 6 jaar en 9 maanden.
Ze wordt dus ingeschaald in trede 6 van salarisschaal 5.1.
Doorgroei naar de volgende salarisschaal binnen de klasse 7, namelijk salarisschaal 5.2, is mogelijk na 6 jaar ononderbroken tewerkstelling in salarisschaal 5.1.
Op 01.04.2026 groeit ze door naar salarisschaal 5.2. Ze bevindt zich dan in trede 12 met een geldelijke anciënniteit van 12 jaar en 9 maanden.