Logo UHasselt

menu

Onderwijs


Kwaliteitszorg

Onderwijs

Logo UHasselt Universiteit Hasselt - Knowledge in action

BACHELOR EN MASTER INTERIEURARCHITECTUUR


MISSIE

“De opleiding interieurarchitectuur wil studenten in een creatieve, studentgerichte leeromgeving opleiden tot breed inzetbare interieurarchitecten die het “Design for Life”-motto van de faculteit verder uitdragen in de maatschappij. Dit gebeurt door studenten doorheen hun opleiding, met aandacht voor de wisselwerking tussen praktijk (métier en creativiteit) en reflectie (concept en programma), academische en professionele vaardigheden bij te brengen volgens het profiel van de opleiding rond vier domeinen: Herbestemming, Retail Design, Scenografie en Wonen/Meubel.”

Toelichting

De faculteit Architectuur en kunst wil in Vlaanderen en Europa toonaangevend zijn en wil met de studenten, docenten en onderzoekers werken aan het beter en mooier maken van de bebouwde omgeving. We willen ontwerpen met engagement, met inzet, met empathie, met generositeit en ook met veel goesting. We willen ontwerpen voor iedereen.

Het motto van de faculteit is ‘Design for Life’. Het verbeteren van de levenskwaliteit voor de gebruiker – psychologisch, esthetisch en ecologisch – staat hierbij centraal. De faculteit wil haar studenten, docenten en onderzoekers een eigen context bieden om zichzelf te ontwikkelen tot een niveau van excellentie in een internationale context en dit met een duidelijke maatschappelijke verantwoordelijkheid en regionale betrokkenheid voor ogen. Om hiertoe te komen, staat een wisselwerking tussen praktijk (métier en creativiteit) en reflectie (concept en programma) centraal. In onze opleidingen brengen we met andere woorden de hand, het hoofd en het hart bij elkaar.

De hoofddoelstelling van de opleiding interieurarchitectuur is de studenten in een creatieve, studentgerichte leeromgeving op te leiden tot breed inzetbare interieurarchitecten. Dit gebeurt op basis van vier kerncompetenties: ontwerpen, onderzoeken, communiceren en ondernemen. Hierbij profileert de opleiding zich rond vier domeinen: Herbestemming, Retail Design, Scenografie en Wonen/Meubel.

Trouw aan het universitaire Bildungsideaal, dat streeft naar de vorming van de hele persoonlijkheid, wil de opleiding ook aan deze algemene vorming aandacht blijven besteden. Maar uiteraard wil de opleiding de studenten daarnaast ook de professionele vaardigheden bijbrengen die van een toekomstig interieurarchitect verwacht worden.

VISIE

“Door de focus te leggen op verschillende maatschappelijke ontwikkelingen en toekomstige uitdagingen wil de opleiding nog meer zichtbaarheid geven aan haar bestaande expertise en een innoverende rol spelen in een regionale, nationale en internationale context. De opleiding wil hierbij haar studenten, docenten en onderzoekers een eigen context bieden om zichzelf te ontwikkelen tot een niveau van excellentie en dit met een duidelijke maatschappelijke verantwoordelijkheid voor ogen.”

Toelichting

De opleiding interieurarchitectuur heeft zowel op het niveau van onderwijs als op het niveau van onderzoek heel wat expertise in huis. Het onderzoek is sterk uitgebouwd en van een internationale kwaliteit. Door de focus op verschillende maatschappelijke ontwikkelingen en toekomstige uitdagingen wil de opleiding die innoverende rol blijven spelen in een internationale context.

Door de hechte koppeling met onderzoek, zeker in de masteropleiding, en de focus op vier concrete domeinen, wil de opleiding deze inzichten ook meegeven aan onze afgestudeerden. Daarnaast willen we in de toekomst deze expertise nog meer zichtbaarheid geven binnen een regionale en nationale context, door via dienstverlening een concrete bijdrage te leveren aan het verbeteren van de onmiddellijke leefomgeving (vb. herbestemming van religieus erfgoed). Binnen de ontwerpstudio, bachelor zowel als master, worden vaak zeer relevante oefeningen uitgewerkt, met resultaten die een bredere valorisatie verdienen. Op die manier willen we onze opleiding nog duidelijker op de kaart zetten.

De faculteit en haar opleidingen willen inzetten op volgende doelen:

  • Excellentie: De bestaande kwaliteit van het onderwijs willen we waarborgen en verder uitbouwen tot het niveau van het excellente. Het recent uitgebouwd onderzoek ontwikkelen we met twee doelen: (1) een autonoom kenniszwaartepunt genereren rond een aantal maatschappelijk relevante vragen om (2) onderbouwd, gericht en excellent onderwijs aan te bieden.
  • Internationalisering: Het excelleren in onderzoek en ontwerp zal het bestaande internationale netwerk van de opleidingen en de onderzoeksgroepen doen toenemen. Dit wordt bijkomend versterkt door het internationaal aantrekken van en samenwerken met studenten, docenten en onderzoekers. De internationale profilering van de faculteit en haar opleidingen wordt verder ontwikkeld.
  • Maatschappelijke verantwoordelijkheid: Het (ontwerp)onderwijs is steeds gericht op een publiek en op gebruikers. Activiteiten en projecten van studenten, docenten en onderzoekers, en daarmee deze van de faculteit, bezitten een maatschappelijke relevantie. Door deze maatschappelijke relevantie en zichtbaarheid neemt de faculteit haar verantwoordelijkheid op in tal van domeinen zoals het culturele, het artistieke, het sociale, het pedagogische, het economische, ...

Vanuit deze doelen wil de opleiding interieurarchitectuur verschillende acties ondernemen in onderwijs en onderzoek om binnen vijf jaar een voorname referentie in Limburg te zijn voor alle aspecten van de disciplines. Binnen Vlaanderen wil ze van betekenis zijn voor enkele specifieke onderzoeksdomeinen. De faculteit wil rond enkele van deze domeinen een uitzonderlijke kennisconcentratie verder ontwikkelen waarvoor ze ook internationaal zichtbaar is, en zelfs een referentiepunt.

 

De faculteit wil zich de volgende jaren nog sterker profileren in Vlaanderen, de Euregio en de wereld. Vanuit het te ontwikkelen onderzoek wordt een exclusieve expertise ontwikkeld die ook voor de identiteit van het onderwijs erg belangrijk wordt. Internationale benchmarking is hierbij steeds belangrijk.

Opmerking: de volledige VISIO-O cyclus (eigen regie voor kwaliteitsborging) wordt hier toegelicht. 

ONDERWIJSKWALITEIT

Het rapport onderwijskwaliteit geeft een analyse van de onderwijskwaliteit van de opleiding. Stafmedewerkers van de dienst Kwaliteitszorg maakten op basis van het opleidingsportfolio en data uit kwaliteitszorginstrumenten een analyse over de onderwijskwaliteit.

Na het finaliseren van de analyse formuleerden de dienst Kwaliteitszorg en de directeur Onderwijs i.s.m. de opleiding suggesties en opportuniteiten, afgestemd op de onderwijsvisie en doelstellingen van de universiteit.

Het rapport onderwijskwaliteit werd voorgesteld op het Onderwijsmanagementteam van 29 juni 2016, waarna het werd gefinaliseerd. Het finale rapport werd bezorgd aan het OMT, de vicerector Onderwijs en de decaan, en is toegevoegd aan het opleidingsportfolio. Het rapport maakt integraal deel uit van het strategieplan, dat wordt voorgelegd aan de Raad van Bestuur.

Het rapport onderwijskwaliteit stemt overeen met kwaliteitskenmerken uit het kwaliteitszorgstelsel en de Standards and Guidelines for Quality Assurance in the European Higher Education Area.

VISIECOMMISSIE

De visiecommissie is gericht op de visie of het visionaire aspect van de opleiding. De visiecommissie focust op het academisch niveau en het inhoudelijk actualiteits-gehalte van de opleiding. De commissie velt geen oordeel over de kwaliteit van de onderwijsaspecten van de opleiding.

De leden van de visiecommissie treden als kritische vrienden vanuit verschillende invalshoeken in dialoog met het OMT en diverse stakeholders van de opleiding. In haar bijeenkomst van 26 mei 2016 analyseerde de visiecommissie op basis van aangeleverde stukken en een locatiebezoek de ingeslagen richting en de toekomstvisie van de bachelor- en masteropleiding in de interieurarchitectuur. De commissie voerde gesprekken met achtereenvolgens:

  • het OMT, dat het huidige curriculum en een blauwdruk van curriculumhervorming toelichtte en het gesprek aanging over de visie op de hervorming en de aansluiting bij de beroepsuitoefening
  • de alumni en het werkveld die bevraagd werden over de mate waarin de opleiding aansluit bij de eisen van het beroepenveld
  • studenten die hun ervaringen in de opleiding bespraken.

Hieruit heeft de commissie een breed beeld kunnen vormen van de opleiding, haar kwaliteiten en haar uitdagingen.

Leden visiecommissie

  • Inhoudelijk expert, voorzitter: Prof. ir. Wim Van den Bergh: hoogleraar RWTH Aachen
  • Peer: Ir. Susanne Pietsch: docent Universiteit Delft
  • Vertegenwoordiger beroepenveld: Paul Wauters: docent interieurarchitectuur UAntwerpen
  • Alumnus en/of student: Katrien Geebelen: alumna

 

 

 

BIJZONDERE KENMERKEN

  • Sterke uitbouw van academisch onderzoek met een evenwicht tussen klassiek onderzoek en ontwerpmatig onderzoek en de verwevenheid in het onderwijs via (ontwerp)studio’s, onderzoeksseminaries, masterproef,…
  • In de opleiding is er voldoende aandacht voor het implementeren van actueel maatschappelijke thema’s in het curriculum. De Sterke regionale verankering van zowel onderwijs, onderzoek als dienstverlening is een sterkte van de opleiding. Het regionaal netwerk is sterk uitgebouwd wat leidt tot inzicht in regionale behoeften via focusgesprekken met alumni en werkveld, praktijkassistenten, stagebegeleiders,…
  • De sterke focus op internationalisering in de opleiding en het uitgebreid internationaal netwerk leiden tot inzicht in internationale behoeften en het draagt bij tot het bevorderen van het actualiteitsgehalte.
  • Goede balans in personeelsomkadering tussen onderzoeks- en werkveldexpertise met een sterke samenwerking tussen docenten op niveau van opleidingsonderdeel/binnen de opleiding, o.a. in studiowerking waar (praktijk-) docenten van verschillende vakgebieden samen de kwaliteit borgen.
  • De constructieve samenwerking tussen docenten EN tussen docenten en studenten via formele en informele contacten, alsook de inzet/gedrevenheid van het personeel ondersteunen de kwaliteitsborging.
  • Het werkveld en studenten geven aan dat de opleiding tot professionals opleidt met een brede vorming van academische kennis en vaardigheden binnen het domein van de Interieurarchitectuur. De studenten beoordelen o.a. de ontwerpstudio’s en masterproef als positief om onderzoeks-, artistieke/creatieve en praktische/technische vaardigheden te ontwikkelen.
  • Studenten en werkveld geven aan dat academisch, vaktechnische en soft skills (ES) goed ontwikkeld zijn en voldoen aan hun behoeften waarbij de afgestudeerden breed inzetbaar zijn. De studenten waarderen de specifieke keuzemogelijkheid m.b.t. ontwerpstudio, onderzoeksseminarie, masterproef (scriptie/project). Deze specialisatie zorgt voor het ontwikkelen van een specifieke expertise die bijdraagt aan de snelle inzetbaarheid.
  • De opleidingen hanteren een mix van werkvormen als een vorm van ’common sense’. Studenten komen tijdens hun opleiding in contact met een grote diversiteit aan organisatie- en werkvormen (hoorcolleges, oefenzittingen, studieuitstappen, individuele begeleiding, ontwerpstudio’s, stage, groepswerken, discussies/debatten, papers, portfolio’s, ontwerp- en beeldende oefeningen, presentaties, seminaries…). Er wordt duidelijk nagedacht over geschikte werkvormen i.f.v. de leerdoelen en de studenten.

AANBEVELINGEN

  • De opleiding kan zich nog sterker profileren door aandacht voor het evenwicht van vakdisciplinaire (ontwerp-, artistieke, technische, praktische) vaardigheden en onderzoeksvaardigheden binnen de specialisatiedomeinen van de interieurarchitectuur.
  • Analyseren van mogelijkheden om nog meer praktische/technische vaardigheden in curriculum in te bouwen o.a. door stage verlenging (eventueel tussen ba en ma). Een verlenging naar een 2-jarige master is aan te raden maar de opleiding is hiervoor afhankelijk van wettelijke bepalingen.
  • Expertise van regionale aspecten (industrieel/cultureel/godsdienstig erfgoed) hebben potentieel om vertaald te worden naar Euregionaal/ internationaal niveau (internationale master herbestemming). Op bachelorniveau kan de studentenmobiliteit nog vergroot worden door de invoering van een mobility window.
  • Het is belangrijk om aandachtig te blijven voor de sterke kwaliteitscultuur van de opleiding. De laagdrempelige omgang met studenten, sterke interactie/samenhang tussen docenten moet behouden blijven binnen de opleiding. Waar mogelijk kan de input van diverse stakeholders verder geoptimaliseerd en geformaliseerd worden.
  • De opleiding kan in het curriculum nog meer aandacht besteden aan de budgettaire, bouwfysische en juridische eisen, materiaal- en constructiekennis, gekoppeld aan het ontwerp project en de aandacht voor soft skills naast de ES, zoals ondernemerszin, teamwerk alsook verbeteren van de talenkennis (binnen de vakdiscipline) verder uitdiepen. Bv. via de de mogelijkheid van een honoursprogramma.
  • Een evaluatieprogramma verder uitwerken met ondersteuning door dienst OODI met daarbij de nodige aandacht voor het creëren van draagvlak.
  • Heel wat verbeteracties uit het visitatierapport zijn opgenomen. Deze worden op dit moment niet systematisch opgevolgd. Een aanbeveling is dan ook om dit meer systematisch aan te pakken.

 

STRATEGIEDAG - EN PLAN

Op 3 november 2016 vond de strategiedag voor de opleidingen bachelor en master in de interieurarchitectuur plaats. Aan deze dag namen de vicerector onderwijs, de decaan van de faculteit, de OMT-voorzitter, de leden van het OMT en stafmedewerkers onderwijs/dienst Onderwijsontwikkeling, diversiteit en innovatie/dienst Kwaliteitszorg deel.

Het strategieplan werd goedgekeurd op de Raad van Bestuur van 7 maart 2017.

Doelstellingen

Versterken van de kwaliteit van de opleiding d.m.v. inzet op onderwijsontwikkeling en - innovatie

  • Uitbouwen van het domein Wonen in de masteropleiding
  • Uitbouwen van een “stage 2.0” in de opleiding
  • Uitwerken van een transparant en actueel evaluatiebeleid
  • Uitwerken van een vernieuwend werkvormenbeleid
  • Verder inzetten op maakbaarheid/realiteitszin in de opleiding in dialoog met het werkveld

Verder uitwerken van de internationale ambitie van de opleiding op het vlak van mobiliteit , programma en netwerk

  • Uitwerken van een mobility window in de bachelor (voor zowel uitgaande als inkomende mobiliteit)
  • Opvolging bestaande internationale master adaptive reuse
  • In kaart brengen van het bestaand internationaal netwerk en opstellen en uitvoeren van een actieplan voor de verdere uitbouw van dit netwerk (o.a. Euregio) met sterke internationale partners
  • Opzetten van nieuwe acties en kritische evaluatie van bestaande acties rond internationalisering (in- en uitgaande mobiliteit van docenten en studenten)

Versterken van de relatie onderwijs-onderzoek

  • Uitwerken van de onderzoekslijnen in relatie tot de studio’s
  • Uitwerken van de leerlijn onderzoeksvaardigheden, incl. artistiek onderzoek

Versterken van de relatie maatschappij 

  • Positionering van fac ARK als referentiepunt door actieve deelname aan het maatschappelijk debat vanuit de ontwerpstudio’s, gekoppeld aan lopend onderzoek binnen interieur
  • Verstevigen van de regionale en stedelijke verankering en van de visibiliteit van fac ARK in de regio/de stad
  • Verder uitbouwen van de alumniwerking (incl. uitstroombegeleiding) en de relatie met het werkveld en andere organisaties
  • Opstellen van een actieplan om één of meer postgraduaten in te richten

Verbeteren van de communicatie en organisatie van de opleiding

  • Verbeteren van de interne communicatie over de opleiding
  • Verbeteren van de externe communicatie over de opleiding
  • Definiëren en ontwikkelen van een complementair personeelskader, i.h.b. ontwikkeling van het ZAP-kader, voor 2022
  • Uitbouwen van een aanbod op het vlak van professionalisering in onderwijs en onderzoek (incl. uitwisseling good practices)
  • Uitbreiding voorzieningen