Het is stil in de radiotherapieruimte. Op de behandeltafel ligt vandaag geen patiënt, maar een fantoom: een model vol sensoren. Prof. dr. Brigitte Reniers en Burak Yalvac laten het bestralen alsof het een echte patiënt is. Zo controleren ze als externe auditoren of de dosis werkelijk klopt. “Niet ongeveer, maar exact”, onderstrepen de NUTEC-onderzoekers (Nucleair Technologisch Expertisecentrum, UHasselt). Want in radiotherapie is de marge tussen genezen en beschadigen flinterdun.
Radiotherapie is een van de belangrijkste behandelingen bij kanker. Ongeveer de helft van de patiënten krijgt ermee te maken. Maar de effectiviteit staat of valt met precisie. “De straling moet de tumor raken, terwijl gezond weefsel zo veel mogelijk gespaard blijft. De juiste dosis, op de juiste plaats, met een minimale foutenmarge: daar waken wij mee over”, zegt professor Reniers.
“Dat doen wij uiteraard niet alleen”, onderstreept Burak Yalvac. “Toestellen zijn uitgerust met uiterst gevoelige veiligheidsmechanismen die bij de kleinste afwijking ingrijpen, en ook intern voeren ziekenhuizen uitgebreide controles uit. Maar een externe audit blijft cruciaal. Wij kijken met een onafhankelijke blik of de dosis die gepland werd, ook effectief zo wordt toegediend.”
Voor hun controles nemen ze wel een heel bijzondere “patiënt” mee naar het ziekenhuis: een fantoom. Geen spook, maar een nauwkeurige replica van een menselijk hoofd, borstkas of bekken; uitgerust met detectoren. “We vragen het ziekenhuis om ons fantoom te behandelen alsof het een echte patiënt is”, legt professor Reniers uit. “Ze maken een CT-scan, stellen een bestralingsplan op en voeren de behandeling uit. Daarna vergelijken we wat we gemeten hebben met wat gepland was.”
Hoewel de procedure uiterst eenvoudig klinkt, is ze dat allerminst. “De marges zijn extreem klein. Internationaal wordt voor een volledige behandeling een maximumafwijking tot vijf procent toegestaan, inclusief alle mogelijke onzekerheden zoals positionering. Voor de dosimetrie zelf ligt de lat nog hoger. Binnen drie procent is het in orde. Tussen drie en vijf procent gaan we dieper analyseren. Daarboven kan er echt een probleem zijn”, zegt Reniers ernstig. “Wat er dan op het spel staat, is niet abstract. Een te lage dosis kan de behandeling ondermijnen, een te hoge dosis kan gezond weefsel beschadigen. We voelen die verantwoordelijkheid elke dag.”
NUTEC voert in de meeste Belgische ziekenhuizen audits uit, maar hun expertise reikt nog verder dan onze landsgrenzen. Ook in Frankrijk, Italië, Spanje en binnenkort Zwitserland doen ziekenhuizen een beroep op het UHasselt-team. Op Europees niveau behoren ze tot de absolute top.
“Elk jaar nemen we deel aan blinde testen binnen het internationale netwerk van dosimetrie-auditteams. Onze detectoren worden bestraald met een onbekende dosis, die we zo nauwkeurig mogelijk moeten reconstrueren, En telkens eindigen we daar bij de besten van Europa. Dat zegt alles over de precisie van onze metingen”, zegt de NUTEC-professor trots.

Of die audits na verloop van tijd niet eentonig worden? De onderzoekers schudden lachend het hoofd. “Integendeel. Radiotherapie evolueert razendsnel. Behandelingen worden complexer, gepersonaliseerder en steeds nauwer verweven met beeldvorming. Denk aan toestellen die bestraling combineren met MRI-beelden, zodat artsen tijdens de behandeling kunnen zien wat er in het lichaam gebeurt. Wij moeten voortdurend mee evolueren. Want nieuwe technologie vraagt ook nieuwe manieren van auditeren.”
De toekomst krijgt nu al vorm, want Yalvac start binnenkort een doctoraat rond auditprocedures voor brachytherapie, waarbij radioactieve bronnen in het lichaam worden geplaatst en de bestraling van binnenuit gebeurt. “Ook daarvoor willen we betrouwbare externe controles ontwikkelen, met nieuwe fantomen en aangepaste methodes.”
“Ik denk dat maar weinig patiënten beseffen hoe ver die kwaliteitscontroles in radiotherapie gaan, omdat we grotendeels onzichtbaar blijven. Onze audits gebeuren dan wel buiten hun blikveld, maar ik kan je garanderen: ze zijn in goede handen”, glimlacht Yalvac.
“Achter elke behandeling schuilt een groot team van medische fysici, technologen, ingenieurs, kwaliteitsmedewerkers en externe auditoren. Wij zijn maar één laag”, zegt Reniers. “Maar wel een cruciale.”
In radiotherapie is precisie cruciaal. “Moderne radiotherapie kan tumoren almaar gerichter bestralen en gezond weefsel beter sparen. Maar net daardoor worden de behandelingen ook steeds complexer. De straling moet in de juiste dosis en millimeterprecies op exact de juiste plek worden toegediend”, legt Orlandini uit. “Je kan de rol van medisch fysici een beetje vergelijken met die van een apotheker die het voorschrift van een arts nauwkeurig bereidt. De radiotherapeut bepaalt wat bestraald moet worden en met welke dosis; wij zorgen ervoor dat die bestraling exact en veilig wordt toegediend. Wij maken de berekeningen en controleren de toestellen. De dosimetristen ondersteunen ons bij de voorbereiding en opvolging van de behandelingen.”
Voor sommige afregelingen mag de afwijking niet groter zijn dan één procent. Daarom werkt ook het LOC-team – net zoals de externe auditoren van UHasselt – met zogenaamde fantomen: modellen die een patiënt nabootsen en waarin stralingsdosissen uiterst nauwkeurig kunnen gemeten worden. “We testen voortdurend of alle parameters van de toestellen exact kloppen.”
“Dat de toestellen – naast die intensieve interne kwaliteitszorg – ook onafhankelijk gecontroleerd worden door de externe auditoren van UHasselt is voor ons allerminst een formaliteit”, benadrukt Orlandini. “De verantwoordelijkheid is simpelweg te groot. Zo’n externe audit geeft ons de bevestiging dat alles perfect correct en veilig verloopt. Dat is niet alleen een controle, maar ook een enorme geruststelling.”