Na 35 jaar materiaalonderzoek aan UHasselt en 25 jaar samenwerking met imec krijgt onderzoeksinstituut imo-imomec een nieuwe naam. Voortaan wordt het gezamenlijke materiaalonderzoek verdergezet onder IUMAT, het Instituut voor Materiaalonderzoek. “Deze nieuwe naam onderstreept hoe UHasselt en imec samen fundamenteel materiaalonderzoek omzetten in betrouwbare technologieën en toepassingen met maatschappelijke en economische impact,” zeggen prof. dr. Marlies Van Bael (UHasselt) en prof. dr. Ivan Gordon (imec).
Wat 35 jaar geleden begon als IMO, het eerste interdisciplinaire onderzoeksinstituut aan UHasselt, groeide in 2001 uit tot imo-imomec, een structurele en strategische samenwerking tussen Universiteit Hasselt en imec rond materiaalonderzoek. “We bundelden onze krachten, want waar de universiteit zeer sterk is in het fundamenteel doorgronden en ontwikkelen van innovatieve materialen, is imec wereldtop in de doorontwikkeling naar schaalbare technologie die relevant is voor de industrie. Zo blijft het onderzoek niet steken in het lab, en worden materialen vertaald naar betrouwbare toepassingen”, zegt Marlies Van Bael. Vandaag, 25 jaar later, zetten de partners met IUMAT (lees joemat) een volgende, duidelijke stap: één herkenbare naam voor een uniek interdisciplinair materialeninstituut met internationale uitstraling.
“Binnen IUMAT werken meer dan 250 onderzoekers in verschillende laboratoria in Diepenbeek en Genk. Ze combineren hierbij expertise uit chemie, fysica en ingenieurswetenschappen, met één duidelijke ambitie; het ontwikkelen van innovatieve materialen van atoom tot betrouwbare en opschaalbare toepassingen. Die ‘atom-to-device’-benadering is onze grote sterkte: zo overbruggen we de volledige keten, van ontwerp en modellering, over synthese en geavanceerde karakterisatie, tot device-integratie, betrouwbaarheid en demonstratie”, zegt Marlies Van Bael.
In een kwart eeuw groeide imo-imomec, vandaag IUMAT, uit tot een internationaal erkende bakermat van innovatief materiaalonderzoek. Het onderzoek focust op vier domeinen, steeds met duurzaamheid als drijfveer: energie, kwantumtechnologie, circulariteit en gezondheid. “Zonneceltechnologie, batterijen, kwantumchips, synthetische diamant, koolstofneutrale chemie, slimme wondpleisters, artificieel kraakbeen en biosensoren zijn maar een greep uit het brede aanbod van het IUMAT-onderzoek. Met IUMAT willen we de komende jaren nog sterker inzetten op samenwerking met bedrijven, dienstverlening en valorisatie, om zo innovaties sneller hun weg te laten vinden naar de maatschappij”, zegt Ivan Gordon.
IUMAT wordt nu ook de overkoepelende naam voor het gezamenlijke onderzoek van UHasselt en imec binnen EnergyVille. Dit samenwerkingsverband rond duurzame energie en slimme energiesystemen, waar ook KULeuven en VITO partner in zijn, startte tien jaar geleden. Binnen EnergyVille versterkt IUMAT het materiaalonderzoek dat nodig is voor de energietransitie, met focus op batterijen, zonnecellen en ‘power-to-molecules’. Zo wordt het materiaalonderzoek van IUMAT nog efficiënter ingebed in het bredere energiesysteem van de toekomst.
Naast energie is ook kwantumtechnologie een uitgesproken speerpunt binnen IUMAT. Met meer dan 30 jaar fundamenteel onderzoek bouwde het instituut een internationaal erkende expertise uit in diamantgebaseerde kwantumtechnologie. Recent investeerde de Vlaamse Regering nog 800.000 euro in de verdere ontwikkeling en opschaling van deze technologie aan UHasselt. Hiermee versterkt IUMAT zijn rol binnen het Vlaamse en Europese kwantumecosysteem en draagt het bij aan de ontwikkeling van baanbrekende toepassingen zoals kwantumsensoren en kwantumcommunicatie.
Kweekbodem voor talent
De focus op het interdisciplinaire onderzoek wil IUMAT ook laten doorstromen tot in de aula’s. Zo is er veel aandacht voor interdisciplinariteit en systeemdenken binnen de opleidingen Master Materiomics en Master of Energy. “Op die manier is IUMAT meer dan een onderzoekscentrum, het is bij uitstek een kweekbodem voor het talent dat onmisbaar is om de complexe uitdagingen van de toekomst het hoofd te bieden” besluit rector Bernard Vanheusden.